Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Het nut van namen noemen

15 november 2022 Jan Lippens
Bart De Pauw
Bart De Pauw verlaat het gerechtsgebouw in Mechelen na het vonnis over zijn grensoverschrijdend gedrag op 25 november 2021. (© Dirk Waem (Belga))

Onlangs werd professor F.D. (Filip Dochy) van KU Leuven veroordeeld tot 4,5 jaar cel voor de verkrachting van een student. Hij ging intussen in beroep tegen die veroordeling. De man sleepte onder collega’s en studenten blijkbaar al jaren een bedenkelijke reputatie met zich mee voor grensoverschrijdend gedrag. Toch wordt hij niét bij naam genoemd in de media. Een paar jaar geleden werd een andere professor, ditmaal van de UGent, ook met initialen omschreven in een dossier over grensoverschrijdend gedrag waarvoor hij van de universiteit een stevige sanctie kreeg. En hoe mysterieus klinkt niet ‘een bekende professor inspanningsfysiologie van de KU Leuven’ die onlangs uit zijn leidinggevende functies werd ontzet wegens machtsmisbruik en grensoverschrijdend gedrag? 

Waar komt die schroom in de media vandaan om man en paard te noemen? Omdat het over academici gaat? Sommige media leggen heel wat minder schroom aan de dag als het gaat over compleet onbekende verdachten en daders van allerlei andersoortig geweld of strafbare feiten.

Een argument voor het noemen van de naam van de personen in dat eerste rijtje is dat ze wel vaker in de media opdoken. Ze waren te gast in talkshows of maakten en presenteerden programma’s, ze gaven interviews, publiceerden boeken en opiniestukken, ze waren politiek actief en soms werden hele reportages aan hun persoon gewijd. Kortom, ze waren al bekende figuren voor ze in opspraak kwamen en vaak zochten ze zelf de media-aandacht en de publieke belangstelling. 

Geldt dat ook voor iemand als Dochy?

Bescherming privacy

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg (EHRM) heeft zich al ettelijke keren over dat soort kwestie gebogen. Het uitgangspunt van het EHRM is de bescherming van de privacy, ook van daders (artikel 8 van het Europees verdrag voor de Rechten van de Mens). Maar die bescherming is niet absoluut. 

Een argument voor het noemen van namen is dat ze wel vaker in de media opdoken

Volgens het hof geldt die strikte bescherming van het privéleven in mindere mate voor wie al eerder in de media kwam. Een ander belangrijk criterium van het EHRM is de uitoefening van een publieke functie. Nog zo’n criterium van het EHRM is het maatschappelijk belang waarin bepaalde feiten kunnen worden gekaderd. In zaken van grensoverschrijdend gedrag en (seksueel) machtsmisbruik is dat een zwaarwegend argument om in principe niet alles te anonimiseren, zeker niet na een rechterlijke uitspraak met een forse veroordeling.  

Die criteria zijn elk op zich niet doorslaggevend om iemand al dan niet met naam en voornaam op te voeren, toch zijn het stevige argumenten om te verantwoorden om de in eerste aanleg veroordeelde professor wèl herkenbaar op te voeren in de media. 

Daarnaast bestaat ook nog de deontologische code van de Raad voor de Journalistiek. Die code verwijst ook naar de mensenrechten en het ‘respect voor het privéleven en de menselijke waardigheid’. Daarbij wordt expliciet verwezen naar dat maatschappelijke belang dat daarbij een rol kan spelen. Respect voor het privéleven geldt ook voor publieke personen, aldus de code. Maar die code heeft het ook over ‘elementen van het privéleven die een invloed kunnen hebben op hun publieke functioneren’. Dan kan het verantwoord zijn om daarover te berichten, ook met volledige identificatie, aldus de code. 

Deontologische code

Een professor geeft les, doet onderzoek, publiceert artikels en boeken, beweegt zich op publieke fora, nationaal en internationaal, wordt met publieke middelen betaald. Kortom, elke professor heeft onmiskenbaar een publieke functie èn speelt een belangrijke maatschappelijke rol. Ook deze professor dus. 

Waar komt die schroom vandaan om man en paard te noemen? Omdat het over academici gaat?

Het vonnis van de rechtbank in Tongeren heeft duidelijk gemaakt dat er elementen in het privéleven van de man waren die "een invloed hebben op zijn publieke functioneren". Verkrachting en aanranding van een studente beïnvloedden wel degelijk zijn publieke functionering. De professor stond bovendien bekend als expert in onderwijsdidactiek en pedagogie. De geschokte reacties van enkele Nederlandse onderwijsinstellingen, waar hij ook les gaf en die zijn reputatie noch de feiten kenden, spreken op dat vlak boekdelen. In de persmededelingen van verschillende onderwijsinstellingen wordt de man trouwens wel voluit genoemd.

De deontologische code bevat nog een ander belangrijk argument dat volledige identificatie kan verantwoorden: ‘De volledige identificatie van de verdachte kan een waarschuwing betekenen voor mogelijke nieuwe slachtoffers’. Indien de blijkbaar vele meldingen en klachten over de professor eerder tot zijn ‘volledige identificatie’ hadden geleid, was er misschien ook veel vroeger een einde gesteld aan zijn gedrag.

Tot slot, dit is zeker géén pleidooi om altijd en overal zomaar iedere verdachte of zelfs strafrechtelijk veroordeelde dader van grensoverschrijdend gedrag met naam en toenaam te noemen - verre van - maar dus wèl in dit specifieke geval.

LEES OOK
Paul Gebruers / 25-11-2020

Journalisten beetje meer verboden terrein voor privédetectives

Het Europees Parlement stemde met grote meerderheid voor amendementen van Kris Peeters om privédetectives te verbieden om journalisten te schaduwen.
europees parlement