Op 20 september viert de Vrije Universiteit Brussel (VUB) het Feest van de Vrije Geest. Daarbij zal voormalig Humo-hoofdredacteur Guy Mortier een eredoctoraat ontvangen voor “de spitse manier waarmee hij de dogmatische verdwazing en ideologische verblinding blijvend te kijk zet”. Dat lijkt een no-brainer, maar is fundamenteel fout.
Guy Mortier heeft tussen 1969 en 2003 Humo op de kaart gezet als wars, tegendraads, onderbouwd en kritisch radio- en tv-blad. Door de gedegen onderzoeksjournalistiek, door het ongeëvenaarde gevoel voor taal, en niet te vergeten door het gebruik van heel veel humor – de titel van het blad is er niet voor niets – werd Humo decennialang geprezen door vriend en vijand.
Mortier bood tal van jonge, ambitieuze, wild om zich heen schoppende journalisten een kans om zich professioneel te ontwikkelen. Onder Mortier bepaalde Humo met ophefmakende reportages en interviews de agenda, en doorbrak daarbij niet zelden een taboe. Voor boomers en gen X’ers waren de muzikale TTT-bladzijden een ware bijbel.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat de man die daarvoor verantwoordelijk is geëerd en geprezen wordt. En wie of wat kan dat beter dan een universiteit die zich in haar onderwijs en wetenschappelijk onderzoek laat leiden door de woorden van de Franse wiskundige en natuurfilosoof Henri Poincaré: “Het denken mag zich nooit onderwerpen, noch aan een dogma, noch aan een partij, noch aan een hartstocht, noch aan een belang, noch aan een vooroordeel, noch aan om het even wat, maar uitsluitend aan de feiten zelf, want zich onderwerpen betekent het einde van alle denken”.
Publiekelijk veroordeeld
In 1986 verscheen in Humo een van die ophefmakende reportages. Het zou uitmonden in een bloedstollend feuilleton met een heel verrassend einde. Een Antwerpse notaris had zich op gruwelijke wijze vergrepen aan zijn twee zoontjes en dankzij uitmuntend journalistiek onderzoekswerk kon Humo dat aan het licht brengen. Niet lang daarna ondersteund door de collega’s van De Morgen.
Uit (terechte) deontologische overwegingen werd de man niet bij naam genoemd, maar zou hij de geschiedenis ingaan als Notaris X. Het verhaal werd niet in twijfel getrokken. Waarom zou het ook? De meest kundige journalisten van het land, onder leiding van de meest kundige hoofdredacteur, zouden zich toch niet zomaar laten lenen tot het verspreiden van valse informatie? Notaris X werd publiekelijk veroordeeld en aan de schandpaal genageld.
Dit is een heel erg verkorte versie van wat er zich toen afspeelde. Het verhaal werd wel degelijk in twijfel getrokken, maar die dissidente stemmen werden afgedaan als vaandeldragers van extreemrechts. De notaris had immers Vlaams-nationalistische ideeën, wat in die tijd gelijk stond aan extreemrechts.
Maar Humo en De Morgen beschuldigden ook Antwerpse magistraten en wetsdokters van extreemrechtse ideeën en dat ze daarom Notaris X een hand boven het hoofd hielden. Daarvoor werden de beide media veroordeeld. Maar in 1997 kregen Humo en De Morgen wel gelijk van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens op basis van het recht op vrije meningsuiting.
Nieuw onderzoek
In diezelfde periode werkte de toen al bekende schrijver Paul Koeck als freelancer voor Humo. Een schrijver moet ergens zijn brood verdienen. Koeck mocht dan wel enigszins een outsider zijn, hij paste best in het plaatje van de Humo-redactie. Rebels, eigenzinnig, grappig, en niet bang om heilige huisjes te slopen.
Maar Paul Koeck voelde zich niet gemakkelijk bij de manier waarop het journalistieke onderzoek naar Notaris X gevoerd werd, en al helemaal niet bij de manier waarop de man publiekelijk, maar niet gerechtelijk, veroordeeld werd. Koeck, die op geen enkele manier in verband kon gebracht worden met extreemrechts, twijfelde met andere woorden ook aan het verhaal.
Hij heeft toen op zijn eentje het hele journalistieke onderzoek overgedaan, en kwam daarbij tot de opmerkelijke conclusie dat Notaris X geheel onschuldig was, en het verhaal verzonnen was door zijn ex-vrouw. Koeck schreef er in 1990 het boek Notaris X over.
Dat de Antwerpse notaris onschuldig was, bleek niet alleen uit het boek van Koeck, hij werd ook door het gerecht in vijf vonnissen vrijgesproken, én kreeg bovendien het hoederecht over zijn zonen. Die zonen hebben later dan ook nog zelf verklaard dat hun moeder het hele verhaal uit haar duim gezogen had.
Persona non grata
In de plaats van complimenten voor gedegen journalistiek werk kreeg Koeck de toorn van links Vlaanderen over zich heen. Koeck had zich voor de kar van de notaris laten spannen en was verworden tot een rechtse bal. De samenwerking met Humo werd prompt stopgezet, en hij werd als schrijver aan de kant gezet en genegeerd. Paul Koeck werd persona non grata. Hij werd gecanceld.
Guy Mortier van zijn kant heeft nooit willen toegeven dat hij als hoofdredacteur zware journalistieke fouten heeft gemaakt. Yves Desmet van De Morgen ook niet, ten andere. Dat is natuurlijk niet gemakkelijk. De zaak beroerde de gehele samenleving, het ging om het lot van twee kleine jongetjes, die dan nog eens bijgestaan werden door de meest vermaarde psychiaters en artsen, én het was een uitgelezen kans om de banden tussen het gerecht en extreemrechts bloot te leggen.
Voorwaar een nobel streven. Maar als het om niets anders dan gebakken lucht blijkt te gaan, en het hele journalistieke onderzoek gemanipuleerd werd, is het niet evident om dat toe te geven. Maar het is erger. Guy Mortier houdt tot op vandaag vol dat hij het bij het rechte eind had.
Dat de VUB amper een goede maand na het overlijden van Paul Koeck (op 15 augustus) een eredoctoraat aan Guy Mortier uitreikt, had de instelling uiteraard niet kunnen voorzien. Dat neemt niet weg dat deze actie problematisch is. Zeker als een van de argumenten ervoor is om “het blijvend te kijk zetten van dogmatische verdwazing en blinde ideologie”. Met de zaak Notaris X heeft Mortier de journalistieke deontologie weggesmeten als een vodje papier, en was/is hij uit blinde ideologie te verdwaasd om zijn fout te erkennen.
Maar de uitreiking van het eredoctoraat is om nog een andere reden problematisch. De universiteit handelt namelijk niet volgens haar eigen principes dat het denken zich nooit mag onderwerpen aan wat dan ook, maar enkel moet berusten op de feiten. Was de VUB dan niet op de hoogte van de feiten? Dan zou ze haar eigen onderzoeksopdracht ondergraven. Of heeft ze de feiten genegeerd? Dan zou ze haar eigen bestaansreden ondergraven. Hoe dan ook is het fundamenteel fout.