Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

De vloek van het extremisme

door Koen Smets
extremes
Naarmate het beleid en de ideologieën verharden en extremer worden, nemen ook de wederzijdse gevoelens van wantrouwen en vijandigheid toe. (© Koen Smets)

Krijg jij ook de indruk dat de politiek de jongste tijd een beetje raar is geworden? Je weet wel, mensen krijgen genoeg van het incompetente bestuur van de ene regering, stemmen bij de volgende verkiezingen op de oppositie die verandering belooft, om er vervolgens achter te komen dat 'verandering' gewoon een ander soort incompetentie betekent.

Dit kan niet enkel zijn omdat kiezers zich niet zozeer laten leiden door de specifieke beleidsvoorstellen van de verschillende partijen of kandidaten (of zelfs hun specifieke persoonlijkheidskenmerken en waarden), als wel door tribale, partijgebonden getrouwheid.

Daar is niets nieuws aan – veel mensen koesteren een diepe, langdurige loyaliteit aan bepaalde politieke groepen, en stemmen daar ook naar, soms zelfs over meerdere generaties heen. Wat wel nieuw is, is dat politieke leiders nu in hun eigen partij de top bereiken, en naderhand stemmen trekken bij verkiezingen, vooral omdat ze niet 'de andere partij' zijn.

Differentiatie met de andere partij(en) is wat het meest lijkt door te wegen in het politieke discours, ten nadele van de eigenschappen die daadkrachtig politiek leiderschap vereist.

De mediaan is leeg

Rationele kiezers zijn, net als rationele consumenten, geïdealiseerde, mythische figuren. Echte mensen kopen niet simpelweg wat hun economische nut maximaliseert, en ze stemmen evenmin simpelweg op de partijen of kandidaten wiens programma het beste politieke (en economische) nut belooft.

Toch blijkt de Stelling van de Mediane Kiezer lang te hebben gegolden. Volgens deze stelling, geformuleerd door de Schotse econoom Duncan Black, is onder bepaalde, vrij vaak voorkomende omstandigheden, de kandidaat die gekozen wordt degene die de voorkeur heeft van de mediane kiezer. Dit is best logisch wanneer partijen relatief dicht bij het midden van het politieke spectrum staan.

Maar naargelang zij en hun beleid zich verder van het centrum zijn gaan verwijderen, zijn kandidaten die een beleid vertegenwoordigen dat overeenkomt met de voorkeuren van de mediane kiezer schaars geworden.

polarization
Steeds verder uit elkaar en niet alleen in de VS! (Pew Research)

Een waarschijnlijke oorzaak voor dit afglijden naar extremisme is de toegenomen polarisatie, zelf een gevolg van toegenomen stammendenken, de neiging, of zelfs de wens, om mensen op te delen in een klein aantal elkaar uitsluitende groepen. Dit is tot op zekere hoogte onvermijdelijk in de politiek: politieke partijen zijn er immers niet zo op uit om gemeenschappelijkheid over ideologische scheidslijnen heen te benadrukken, en zetten liever hun verschillen in de verf.

Maar op de een of andere manier is politieke identiteit recentelijk veel belangrijker voor ons geworden. Ze heeft ook een meer uitgesproken moreel profiel gekregen dan vroeger. Grieven met betrekking tot economische, etnische of genderongelijkheid, immigratie, vermeende inperking van vrijheden, overheersing door elites enzovoort kunnen gemakkelijk worden geherdefinieerd als gevallen van morele schade.

Ook standpunten over de beschikbaarheid van gezondheidszorg, klimaatverandering, wereldhandel en dierenrechten (en niet te vergeten het coronabeleid rond mondmaskers!) worden makkelijk gepolariseerd in een (moreel) kader van goed of fout. Veel mensen hebben strikte, onbuigzame standpunten over verschillende van deze gebieden, en uiten die met groot enthousiasme.

Politieke partijen zullen onvermijdelijk deze tendensen weerspiegelen, zelfs als die alleen aanwezig zijn in luidruchtige minderheden. Vroeger spraken gematigde agenda's de mediane kiezer aan (die overigens representatief was voor een groot deel van de burgers). Maar nu moet vooral het verschil met de oppositie (of de andere partijen) worden benadrukt.

Dit leidt tot een hardere, compromisloze formulering van traditionele beleidspunten, en tot het omarmen van nieuwe posities die een partij onderscheiden van de andere partij(en). Die reageren daar natuurlijk op hun beurt op, en zo ontstaat er een soort ideologische wapenwedloop.

Hierdoor ontstaan verschillende krachten die samen de partijagenda’s herschrijven. Volgens de Sociale Identiteitstheorie hebben mensen de neiging om zich te identificeren met de groepen waarmee ze zich verbonden voelen (zoals politieke partijen). Partijdige kiezers (zelfs als ze gematigd zijn) volgen zo hun partijen wanneer ze zich van het midden verwijderen, en blijven het verschuivende partijbeleid steunen (een fenomeen dat bekend staat als in-group bias).

Anderen verlaten de partij, en allebei verplaatsen de partijlijn verder weg van het centrum. Activistische minderheden kunnen gebruik maken van deze beweging om te ijveren voor een beleid dat nog radicaler is en minder vatbaar voor compromissen en nuancering.

Een tweede kracht, partijdige of ideologische sortering, beschrijft hoe sociale netwerken die geworteld zijn in een gemeenschappelijke politieke identiteit de afstemming rond meer extreme beleidspunten versterken, waardoor die meer lijken voor te komen dan ze werkelijk zijn. Men gaat dan overschatten hoe extreem zowel de eigen standpunten als die van de tegenpartij(en) zijn, met een nog sterkere polarisatie als gevolg.

Ten slotte is er affectieve polarisatie, wat slaat op de emotionele dimensie van de houding van burgers tegenover politieke tegenstanders. Naarmate het beleid en de ideologieën verharden en extremer worden, nemen ook de wederzijdse gevoelens van wantrouwen en vijandigheid toe.

Twee gevolgen van extremisme

Deze door extremisme aangewakkerde trends leiden tot twee verschillende problemen. Het eerste en meest voor de hand liggende is het omarmen van extremere beleidsopties zelf. Een gematigd, centristisch bestuur streeft naar verstandige afwegingen tussen de verschillende belangen van de natie, nu eens een beetje meer naar links, dan weer een beetje meer naar rechts, maar altijd met een gevoel van evenwicht.

Extremistisch beleid negeert of ontkent zulke compromissen en streeft zijn doelen op een absolute en onvoorwaardelijke manier na. In de praktijk kan dit tot verschillende onbedoelde gevolgen leiden. Economische instabiliteit, sociale onrust en internationaal isolement doen zich voor wanneer markten, burgers en handelspartners en bondgenoten reageren op radicale beleidsbeslissingen, die zijn ingegeven door ideologie, eerder dan door evidentie.

In landen waar meerdere partijen met uiteenlopende extremistische politieke agenda's moeten samenwerken, kan de vorming van een coalitieregering zelf lastig worden. Het is onwaarschijnlijk dat de centrale doelstellingen van elke partner goed op elkaar zijn afgestemd (en best mogelijk dat ze elkaar tegenspreken), waardoor compromissen problematisch worden. Als er toch een coalitie tot stand komt, dreigt deze inherent instabiel te zijn omdat het erg moeilijk, zo niet onmogelijk zal zijn om voortdurend aan de eisen van elke partner te voldoen.

Het tweede probleem is mogelijk nog zorgwekkender, omdat het zelfs geldt als de meer extremistische beleidsvoorstellen worden afgezwakt wanneer een partij eenmaal aan de macht is. De polarisatie die wordt veroorzaakt door de verschuiving naar de extreme uiteinden van het politieke spectrum over veel onderwerpen lijkt de criteria te hebben veranderd op basis waarvan kandidaten worden geselecteerd en leiderschapsposities bereiken.

De belangrijkste vereiste eigenschap lijkt radicale partijdigheid te zijn – het aanhangen van het eigen compromisloze beleid en een grondige afkeer van de oppositie. Zo ligt de lat wel erg laag.

washing machine 3
Toch niet zo tevreden met de nieuwe aankoop? (Ideogram)

Met andere woorden, de verschuiving weg van het politieke centrum levert ons politieke leiders op die eigenlijk in slechts één belangrijke eigenschap gematigd zijn, namelijk competentie. We hoeven niet ver te zoeken naar voorbeelden van prominente kandidaten en huidige of voormalige leiders van wie het gedrag niet direct wijst op sterke capaciteiten in diplomatie, pragmatisme, empirisch onderbouwd redeneren en integriteit.

Als de enige eigenschap van een wasmachine die voor jou van belang is, is dat zij niet van merk X is of uit land Y komt, en je kiest er een die uitsluitend op die basis wordt aangeprezen, dan moet je niet verbaasd zijn als ze slecht presteert wat betreft het effectief en efficiënt wassen van je kleren.

Hetzelfde geldt voor politieke leiders: als we ze selecteren en kiezen op basis van onze (en hun) afkeer van het alternatief, in plaats van op basis van hun politieke scherpzinnigheid en leiderschapskwaliteiten, hebben we hun gebrek aan competentie alleen aan onszelf te danken. Het is aan ons om ons te bezinnen over wat echt belangrijk is bij de keuze van politieke leiders – en misschien ook om te weerstaan aan de lokroep van het extreme…

LEES OOK
Karl van den Broeck 12-04-2022

De vicieuze cirkel van de antipoden

In haar nieuwe boek neemt Hind Fraihi polarisering en extremisme onder de loep.
racisme discriminatie antipode
Alex Newhouse 07-12-2020

Parler: nieuwe vrijplaats voor racisme en samenzweringstheorieën

Het Amerikaanse platform Parler trekt miljoenen Trumpaanhangers en brengt zo reguliere conservatieven, antisemieten en blanke nationalisten onder één dak.
50601500653_d0f7311577_c
Bert Verhoye 19-06-2019

Koro 19 juni 2019

Het rubriekje van Bert Verhoye waarin onze hysterische wereld geconfronteerd wordt met problemen, die geen problemen zijn.
Bert Verhoye