Over de zaak-Reuzegom, de Leuvense studentenclub waar Sanda Dia om het leven kwam in 2018, was al onnoemelijk veel te doen. Hetzelfde geldt voor een nevenkwestie ervan: konden de nieuwsmedia al dan niet de namen vermelden van de Reuzegommers die op de een of andere manier betrokken waren bij het dramatische overlijden van de student?
Nagenoeg collectief besloten de kranten, magazines en omroepen om dat niet te doen. Ook niet na de veroordeling van achttien (voormalige) Reuzegommers in 2023. De argumenten daarvoor waren de al bij al lichte bestraffing (met werkstraffen en geldboetes) door het Antwerpse hof van beroep en het vrijwaren van de toekomstperspectieven voor de twintigers.
Toch zat niet iedereen op die lijn. In De Morgen, Humo en in een boek van de hand van journalist Douglas De Coninck verscheen in 2022 de naam van een (ex-)Reuzegommer voluit, wij noemen hem hierna Donald X – in lijn met de beslissing van de Raad voor de Journalistiek, ook al delen we die niet.
Donald X was dan wel niet op de voor Sanda Dia dodelijke doop aanwezig geweest, en evenmin werd hij er door justitie voor vervolgd, toch werd hij genoemd wegens zijn prominente verleden bij Reuzegom, als preses onder meer. Donald X speelde daarnaast een rol bij het wissen van online informatie over de club. In die periode was hij overigens ook politiek actief als stagiair voor N-VA in het Europees Parlement.
Diezelfde elementen brachten You Tube-vedette Acid – echte naam Nathan Vandergunst – er in 2023 toe om enkele (voormalige) Reuzegomleden nominatim voor het voetlicht te brengen. Onder hen opnieuw Donald X. De aanleiding voor Acid/Vandergunst was de door velen al te mild bevonden veroordeling in de Reuzegomzaak, samen met het feit dat enkele ex-Reuzegommers hun (morele) aandeel in de zaak bleven ontlopen.
Van betrokkene naar ‘slachtoffer’
Daar liet Donald X het niet bij. Keer op keer draaide hij de rollen om en profileerde hij zichzelf als ‘slachtoffer’ – van een ‘inbreuk op de privacy’, van ‘een heksenjacht’, van ‘belaging’. Het leverde hem ook succes op. Al in 2022 trok hij naar de Raad voor de Journalistiek met een klacht tegen journalist De Coninck en De Morgen wegens (onder meer) schending van de privacy, en die zaak won hij ook.
De Raad volgde zijn betoog dat hij ‘geen publiek figuur’ was. Met die uitspraak én een schadeclaim van 20.000 euro trok X vervolgens naar de burgerlijke rechtbank in Antwerpen. Die veroordeelde journalist en uitgever in 2024 tot 1 euro morele schadevergoeding voor de berichtgeving over hem.
Ook Acid kwam in het vizier. Hij had op zijn YouTube-kanaal opgeroepen de Reuzegommers te ‘cancelen’ en noemde daarbij ook het restaurant van de ouders van Donald X in Antwerpen. Zoon en ouders dagvaardden Vandergunst hierop rechtstreeks voor de correctionele rechtbank van Brugge wegens het online delen van persoonsgegevens, belaging en laster en eerroof. Het leverde Acid in 2024 een celstraf op van drie maanden (met uitstel), een geldboete van 800 euro en een (voorlopige) schadevergoeding van 20.000 euro voor het restaurant.
Het is over dat laatste vonnis dat expert mediarecht Dirk Voorhoof begin 2024 een opiniestuk publiceerde voor De Morgen (en demorgen.be) en Apache. De academicus fileert daarin de uitspraak van de Brugse correctionele rechtbank, om te besluiten dat het door zijn strafrechtelijke karakter “een gevaarlijk vonnis voor de expressievrijheid” is. Ter situering vermeldde Voorhoof bij de aanvang van zijn bijdrage ook de namen van alle betrokken partijen, onder wie Donald X, die Acid met een rechtstreekse dagvaarding nu eenmaal voor de rechtbank had gesleept.
Diezelfde vermeldingen gaf bijvoorbeeld ook het juridische vaktijdschrift Auteurs & Media mee, toen het in zijn editie van december 2024 het vonnis in de Acid-zaak publiceerde. Ook elders verscheen de naam van Donald X intussen voluit, zoals op het internationale juridische online platform Forhum (forhum.org), dat zich buigt over de grenzen van humor en satire.
Allerlei bezwaren
Het leverde dit keer dus De Morgen en Apache een klacht op bij de Raad voor de Journalistiek. Zij hadden dit opiniestuk niet met zijn naam voluit mogen publiceren, aldus Donald X. Zijn argumenten klonken bekend: hij was niet betrokken geweest bij de fatale studentendoop en was er niet voor vervolgd, evenmin was hij een publieke figuur, en dus had zijn naamsvermelding ‘geen enkele maatschappelijke relevantie’.
Overigens had de Brugse correctionele rechtbank hem net nog tot ‘slachtoffer van belaging’ in de Acid-zaak bestempeld. En moeten nieuwsmedia in dat geval niet extra aandacht besteden aan bescherming van de privacy? Voor de volledigheid: Donald X ontwaarde ook enkele feitelijke tekortkomingen in het opiniestuk, maar daarover spreekt de Raad voor de Journalistiek zich niet uit.
Wel ziet de Raad een inbreuk op de privacy. Met verwijzing naar artikel 23 van de deontologische code bevestigt hij dat “een journalist bijzonder terughoudend dient te zijn bij de identificatie van slachtoffers van criminaliteit”. Publieke figuren kunnen daarop een uitzondering vormen, maar volgens de Raad is dat hier niet het geval.
Verder toont de redactie “niet aan welk maatschappelijk belang het noemen van de naam van klager in deze context rechtvaardigt”. Of hoe een ex-Reuzegommer door zich in een slachtofferrol te wentelen na een Brugse rechtbank nu ook de Raad voor de Journalistiek om zijn vingers windt.
De uitspraak van de Raad roept allerlei bedenkingen en bezwaren op. Als iemand keer op keer zelf het publieke strijdtoneel betreedt met klachten, levert hij dan zelf niet in op zijn privacy? Was Donald X sowieso wel nog onbekend, gelet op de naamsvermeldingen die hem te beurt vielen in nieuwsmedia, in een boek en online? En vult de Raad voor de Journalistiek het concept ‘publieke figuur’ toch niet bijzonder mager in, gelet op het presesverleden van X, zijn politieke engagement en ook zijn huidige activiteit als advocaat?
Al bij al kapittelt de Raad voor de Journalistiek hier een opiniebijdrage over hoe de privacy al dan niet te respecteren – door justitie en door de media. Dirk Voorhoof noemt daarbij op een zakelijk-technische en feitelijk onvermijdelijke manier de naam van de figuur die in het zenit staat van het debat.
Iemand die zelf door zijn publieke optreden bewust uit de schaduw treedt. Iemand die ook daarbuiten allerlei kenmerken van een ‘publieke figuur’ heeft, zeker in de context van de tragische Reuzegom-zaak. Met het afwijzen van die identificatiemogelijkheid bewijst de Raad de vrijheid van informatie geen goede dienst.