Als je ooit Engels hebt geleerd, is het je vast opgevallen dat de spelling ervan nogal eigenzinnig is. Misschien heb je wel eens gelezen dat ghoti een alternatieve manier is om wat klinkt als fish weer te geven, of zelfs potato gespeld gezien als ghoughpteighbteau. Toch heeft het Engels wel degelijk spellingsregels – een populaire (maar vaak overtreden) vuistregel is i before e, except after c. We schrijven field en tier, maar receive en ceiling.
Misschien nog meer verrassend is dat dit model – het koppelen van een algemene regel aan een uitzondering – diep in onze eigen cognitie zit ingebakken. Een winkel is op maandag gesloten, behalve op feestdagen, of beperkt parkeren is van kracht, behalve voor voertuigen met een vergunning. Maar hoe alomtegenwoordig regels en uitzonderingen ook zijn, het gebruik ervan is niet zonder valkuilen.
Regels regeren onze wereld
Eenvoudige regels zijn van onschatbare waarde als cognitieve snelkoppelingen die, op basis van schaarse informatie, voorspellen wat waarschijnlijk het geval zal zijn en de beste handelwijze aangeven. Onze meest verre voorouders werden regelmatig geconfronteerd met situaties die hun vroegtijdige dood of het niet doorgeven van hun genen konden betekenen.
Toen door de evolutie uiteindelijk het vermogen ontstond om gunstige van ongunstige situaties te onderscheiden, hadden de organismen die het bezaten een voetje voor op hun minder fortuinlijke verwanten... En miljoenen generaties later genieten we nog steeds van een – nu veel verfijnder – vermogen om de wereld om ons heen te modelleren en te voorspellen, allemaal dankzij die regels.
Lange tijd lag de waarde daarvan uitsluitend in de manier waarop ze individuele organismen door hun omgeving gidsten, en hen hielpen in leven te blijven, zich voort te planten en te floreren. Maar toen sommige organismen groepen begonnen te vormen en gingen samenwerken, en er zo wederzijdse afhankelijkheid ontstond, werden de dingen ingewikkelder en ontstonden er twee problemen.
Het voorspellen van het gedrag van groepsgenoten bleek veel moeilijker dan het voorspellen van de natuur: menselijk gedrag is te grillig om te beschrijven in eenvoudige, bruikbare regels. Bovendien waren er, om samenwerking te coördineren en interpersoonlijke interactie te besturen, normatieve regels nodig die individuele belangen overstijgen, het belang van de groep weerspiegelen en consequent worden opgevolgd door groepsleden.
Natuurlijk kwamen al die regels, naarmate ze complexer en specifieker werden, soms met elkaar in conflict en moesten mensen en groepen hiërarchieën opstellen om te bepalen welke regel voorrang had in welke situaties: was het “blijf bij de groep voor je veiligheid” of “ga op jacht om in voedsel te voorzien”?
We spoelen snel door naar vandaag, en we zien onze wereld nog steeds beheerst door regels. Talrijke dagelijkse keuzes maken we efficiënt en snel dankzij hen: we stoppen voor een rood stoplicht zonder erbij na te denken, we sluiten automatisch aan in wachtrijen of houden deuren open, we denken er zelfs niet aan om artikelen uit de winkel te stelen (ook al zouden we dat gemakkelijk kunnen) en als we een probleem hebben, vragen we het aan iemand die het beter weet dan wij.
Soms lijken regels die normaal gesproken uitstekend werken echter niet helemaal te passen. Net als de spellingsregel kunnen ze onmogelijk alle mogelijke eventualiteiten behandelen, dus gebruiken we een aanvullend mechanisme om hiermee om te gaan: de uitzondering. We behouden ons effectief het recht voor om een regel in bepaalde uitzonderlijke omstandigheden niet van toepassing te verklaren – veel eleganter en efficiënter dan regels aan te passen of nieuwe regels in te voeren, en de hiërarchie te herschikken.
We kunnen zo een regel hebben dat we onze tanden poetsen voor we naar bed gaan, maar als we in de kleine uurtjes thuiskomen, moe en misschien een beetje beschonken, beroepen we ons op een uitzondering en slaan we het over. Op dezelfde manier lijken veel mensen te denken dat het inschakelen van de vier knipperlichten van hun auto hen een uitzondering toekent op de regels die het parkeren beperken.
Maar uitzonderingen regeren de regels
Maar dit krachtige mechanisme van regels en uitzonderingen heeft ook minder goede kanten. De regels die we zelf maken, kunnen niet bogen op talloze generaties van evolutionaire verfijning.
Sommige kunnen gebaseerd zijn op ideologie in plaats van feiten (“lokale producten hebben een lagere CO2-voetafdruk”), foutieve intuïties (“internationale handel is een nulsomzaak, dus zorg ervoor dat je niet aan het kortste eind trekt”), samenzweringstheorieën (“vermijd vaccins”), of incompetent redeneren (“duizenden bitcoinbeleggers kunnen toch niet verkeerd zijn”). En regels, zelfs de twijfelachtige, hebben de neiging om ons blijvend te beïnvloeden.
Bovendien zijn onze regels zelden zo helder als de spellingsregel – vele zijn vaag en berusten op onuitgesproken veronderstellingen. Zo goed als iedereen wil zich best houden aan een regel die zegt “wees loyaal aan je familie en vrienden”, maar wat dit precies inhoudt, is nergens beschreven, en is ook niet voor iedereen hetzelfde.
Afgezien van de regels die in de wet zijn vastgelegd, zijn de maatschappelijke regels die ons helpen om interpersoonlijke interactie te besturen vaak impliciet, dubbelzinnig en moeilijk te handhaven. Als er dan conflicten ontstaan tussen regels, betekenen de veel diepere wortels van eenvoudige, zelfzuchtige regels – oorspronkelijk bedoeld om overleving en voortplanting te garanderen, en gevormd gedurende honderden miljoenen jaren evolutie – dat ons individuele belang het vaak wint van het groepsbelang.
Dit nastreven van het eigenbelang ten koste van dat van anderen, gezien door de lens van tegenstrijdige regels, verklaart niet alleen ruzie tussen familieleden en (mogelijk voormalige) vrienden en kennissen, maar ook vechtpartijen, misdaad en oorlog.
Helaas zijn uitzonderingen het perfecte instrument om regelconflicten op een zelfzuchtige manier op te lossen (“de snelheidslimiet geldt voor mij, behalve wanneer ik te laat ben”). Samen met gemotiveerd redeneren kunnen ze elke weigering rechtvaardigen om een maatschappelijke regel na te leven, of om een regel van een ander individu te respecteren.
Zelfzuchtige impulsen kunnen weliswaar worden onderdrukt door bezorgdheid over onze reputatie: ook al zouden we in staat zijn om voor ons eigen gewin te stelen van iemand die ons vertrouwt, het risico om onze reputatie te schaden wanneer we worden betrapt (of zelfs ons eigen morele gevoel van goed en kwaad) zal ons ervan weerhouden om dit te doen. (Dat geldt natuurlijk alleen voor wie echt om zijn of haar reputatie geeft).
Het grootste gevaar is echter dat uitzonderingen zouden veranderen in regelrecht exceptionalisme – de overtuiging dat je zelf inherent het recht hebt om naar willekeur uitzonderingen in te roepen, en anderen niet. Deze overgang van occasionele flexibiliteit naar aanspraak maken op een systematische speciale behandeling ondermijnt de fundamenten van regels.
Wat begint als ‘deze ene keer’ wordt een vast patroon, en ten slotte wordt het inroepen van uitzonderingen de nieuwe regel, gericht op iemands eigen verlangens, emoties en grieven in plaats van op maatschappelijke harmonie en bloei.
Regels dienen niet alleen om de wereld te voorspellen, maar ook om nadelige impulsen (voor ons en voor anderen) te overwinnen. Ze bieden de basis voor sociale samenwerking door gedrag voorspelbaar te maken en individuele en collectieve belangen op elkaar af te stemmen. Wanneer uitzonderingen de regel worden, verzwakt deze onderbouw, en daarmee ook het sociale vertrouwen.
Uiteindelijk zijn het niet de regels waarvan mensen beweren dat ze zich eraan houden die ons iets zeggen over hun karakter, maar de uitzonderingen die ze inroepen op die regels. Mensen die ervoor pleiten dat mensen fair worden behandeld, behalve als ze daardoor zelf benadeeld zouden worden, die eerlijkheid waarderen behalve als liegen hun belangen dient, of die rekenschap eisen van iedereen behalve van zichzelf, tonen ons wie ze werkelijk zijn.
Het gedrag van andere mensen voorspellen blijft moeilijk. Door echter niet alleen oog te hebben voor de regels waar mensen zich toe verklaren, maar ook voor de uitzonderingen erop die ze zichzelf permitteren, bekomen we het duidelijkste inzicht in hun waarden en de meest betrouwbare indicatie van hun toekomstig gedrag – zowel voor diegenen in onze directe omgeving als voor diegenen die actief zijn op het nationale of mondiale toneel.
Je hebt wellicht geen gebrek aan voorbeelden.