De roep naar een strenge aanpak van relschoppers op oudjaar klinkt elk jaar luider. Een reëel maatschappelijk probleem wordt bestreden met een opbod aan steeds verregaandere politiemaatregelen van de burgemeester.
Antwerpen spant de kroon. Net als de jaren daarvoor legde de burgemeester 47 preventieve huisarresten op eind 2024. Ook dit jaar wordt deze politiemaatregel voorbereid, verklaarde waarnemend burgemeester Els van Doesburg (N-VA) op 9 december aan Gazet van Antwerpen.
Een rechter komt er in de procedure niet aan te pas. Het huisarrest is louter gebaseerd op het vermoeden dat de geviseerde persoon op oudjaar amok zal maken
Het Antwerps voorbeeld maakt school. Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Hilde Crevits (CD&V) antwoordde op 10 december in het Vlaams Parlement dat een huisarrest in bepaalde gevallen moet kunnen. Minister van Binnenlandse Zaken Bernard Quintin (MR) nam in De Kamer een gelijkaardig standpunt in.
Waarover gaat het? De geviseerde Antwerpenaars − veelal jongeren − krijgen bij burgemeestersbesluit het verbod om hun woning op oudjaar te verlaten tussen 18u en 8u en dienen zich bij een controle thuis fysiek te tonen aan de politie. Bij overtreding kunnen ze administratief worden aangehouden en een GAS-boete krijgen.
Een rechter komt er in heel deze procedure niet aan te pas. De personen zijn niet (noodzakelijk) strafrechtelijk veroordeeld. Het huisarrest is louter gebaseerd op het vermoeden dat de geviseerde persoon op oudjaar amok zal maken. Het is een preventieve maatregel, zoals dat heet, en dus geen sanctie.
Mensenrechten onder druk
In het steeds forsere debat rond overlast op oudjaar wordt gemakkelijk vergeten hoe ingrijpend een bestuurlijk huisarrest wel is en welke verregaande bevoegdheden de burgemeester zich toe-eigent. De burgemeester heeft de bevoegdheid om de openbare orde te handhaven, maar wordt daarin beperkt tot de grenzen van het (internationaal) recht. Die grenzen worden steeds verder opgerekt.
Het uitdeinende sanctie- en maatregelenarsenaal van de (gemeentelijke) uitvoerende macht is een kwalijke evolutie
Het uitdeinende sanctie- en maatregelenarsenaal van de (gemeentelijke) uitvoerende macht, onder de noemer van het handhaven van de openbare orde, is een kwalijke evolutie. De rechterlijke macht wordt zo immers meer en meer buitenspel gezet. De burgemeester speelt strafrechter, stelden Stefaan Pleysier en Johan Put terecht in de Standaard.
De spreekwoordelijke slippery slope leidt tot steeds verdergaande vrijheidsbeperkingen en de deur staat open voor willekeur. De mensenrechten van eenieder komen hierdoor onder druk te staan.
Het doel (handhaving van de openbare orde) mag dan - naargelang de specifieke context - legitiem zijn, een bestuurlijk huisarrest is in strijd met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). Er is geen concrete wettelijke basis voor in de Belgische gemeentewetgeving. Het preventief opleggen van huisarresten aan personen – veelal jongeren – die hiertoe niet door een onafhankelijke (straf)rechter zijn veroordeeld, behoort dan ook niet tot de bevoegdheid van de burgemeester.
Onwettige vrijheidsberoving
Het Antwerpse preventief huisarrest heeft alle kenmerken van een vrijheidsberoving en is dan ook strijdig met het recht op vrijheid en veiligheid, zoals bepaald in artikel 5§1 EVRM.
Het typevoorbeeld van een vrijheidsberoving is de opsluiting in een gevangenis of gesloten centrum, maar is daartoe niet beperkt. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) vult het begrip ruim in en besloot eveneens tot een onwettige vrijheidsberoving in geval van een huisarrest, opsluiting in een hotel of een ziekenhuis of − zeer recent nog in Polen − de vasthouding van journalist Ewa Siedlecka gedurende twee uur op een binnenplaats om haar deelname aan een tegenbetoging te verhinderen.
De stad Gent koos er tot op heden bewust voor om geen huisarresten op te leggen
Het recht op vrijheid is een van de meest fundamentele mensenrechten en de uitzonderingen daarop worden dan ook zeer strikt uitgelegd. Een vrijheidsberoving als (preventieve) maatregel ter handhaving van de openbare orde en zonder specifieke wettelijke basis is hoe dan ook verboden.
En daar knelt reeds het schoentje. De Belgische wet voorziet geen huisarrest, laat staan in een concrete procedure of onder voorwaarden. Een vrijheidsberoving zonder duidelijk wettelijk kader is per definitie in strijd met het EVRM.
De stad Gent maakte reeds de afweging en koos er tot op heden bewust voor om geen huisarresten op te leggen. Daarover bevraagd door N-VA gemeenteraadslid Anneleen Van Bossuyt (N-VA) antwoordde burgemeester Mathias De Clercq (Open Vld) onomwonden: “Wat het huisarrest betreft kan ik u meedelen dat de korpschef en de juridische dienst onderlijnen dat een volledig huisarrest (24/24u) zonder twijfel een vorm vrijheidsberoving is en daarom strikt voorbehouden is voor de rechterlijke macht. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens is daar erg duidelijk over.” De burgemeester is er derhalve “niet van overtuigd dat een huisarrest als bestuurlijke maatregel de rechterlijke toets zal doorstaan, nog los van de vraag naar de effectiviteit en handhaving van dergelijke maatregel”.
“Ook de korpschef is geen vragende partij om het huisarrest door te voeren”, vult De Clercq aan “en beklemtoont dat er omzichtig moet worden omgegaan met vrijheidsbeperkende maatregelen zoals een huisarrest, die in principe tot de bevoegdheid van de gerechtelijke overheden behoort.”
Slechts een vrijheidsbeperking?
Het huisarrest met oudjaar is slechts van korte duur en moet daarom gezien worden als een (minder verregaande) vrijheidsbeperking, zegt men dan.
De burgemeester moet aantonen dat de dreiging die van de betrokkene uitgaat dermate groot is dat een plaatsverbod niet zou volstaan
Het typevoorbeeld van een vrijheidsbeperking is een gemeentelijk plaatsverbod, waarvoor er wel een concrete wettelijke basis bestaat in de Belgische gemeentewetgeving. Maar ook hier kan het bestuurlijk huisarrest de toets aan het EVRM niet doorstaan. Het blijft een dermate ingrijpende aantasting van de persoonlijke bewegingsvrijheid, dat de maatregel disproportioneel is en daarom strijdig met artikel 2 van het Vierde Protocol bij het EVRM.
Zoals toenmalig burgemeester Bart De Wever (N-VA) zelf aanhaalde bij VRT, bestaat er immers een alternatief voor een huisarrest, en dat is een plaatsverbod, dat dus wél concreet geregeld is in de Nieuwe Gemeentewet. De burgemeester moet dan ook aantonen dat de dreiging die van de betrokkene uitgaat dermate groot is dat een plaatsverbod voor bepaalde hotspots niet zou volstaan om de openbare orde te handhaven.
De Raad van State ziet het anders
Het Laatste Nieuws en ATV berichtten begin december dat de auditeur bij de Raad van State − waar een betrokken jongere zijn huisarrest heeft aangevochten − een negatief advies gaf. De auditeur beoordeelde het huisarrest als onwettig en adviseerde om de beslissing van de burgemeester te vernietigen.
Bijzonder snel daarna, op 15 december al, heeft de Raad van State een arrest ten gronde geveld. De Raad is het niet eens met de auditeur, wat zeer uitzonderlijk is, en acht het opgelegde huisarrest wettig. Volgens de Raad gaat het niet om een vrijheidsberoving, maar om een vrijheidsbeperking en vormt de Nieuwe Gemeentewet een afdoende wettelijke grondslag. Het zal niet verbazen dat wij het grondig oneens zijn met dit oordeel. Rechtspraak blijkt ook onderhevig aan maatschappelijke trends.
Voor corona − toen allerhande vrijheidsbeperkingen hoogtij vierden − was deze uitspraak volgens ons ondenkbaar geweest. Dit is de slippery slope aan het werk. Enig lichtpuntje is dat de Raad in haar arrest benadrukt dat er sprake moet zijn van een grondig onderbouwd dossier en dat een dergelijke maatregel dan ook niet lichtzinnig mag worden genomen.
Ook op 15 december raakte bekend dat burgemeester van Doesburg dit jaar ‘slechts’ zeventien huisarresten oplegt. De opmars van de burgemeester-sheriff lijkt niet te stuiten. Op naar het Hof in Straatsburg?
In afwachting daarvan, braaf zijn in het nieuwe jaar, of je moet volgend jaar ‘slechts’ veertien uur thuisblijven op oudejaarsavond. Een kleine beperking van uw vrijheid in het algemeen belang.