Enkele maanden geleden zit ik in een bijna lege treinwagon. Er komt een man naast mij zitten. Een zeemzoete alcoholgeur dringt mijn neus binnen. Hij duwt zijn been tegen het mijne. “Wat lees je?”, vraagt hij. Mijn hart bonst in mijn keel, mijn tong plakt tegen mijn verhemelte. “Je duwt je been tegen mijn been, dat wil ik niet. En ik heb niet zo'n zin om te praten.” Breng ik op een zo rustig mogelijke manier uit. Hij snuift. “Weer zo’n bitch die denkt dat ze te kiezen heeft of ze iets wil.”
Snel zoek ik mijn spullen bijeen, wandel naar de volgende wagon en zet mij op een vierzit bij een gezin met een kind.
Zo laveer ik door het leven, steeds klaar om opgeschrikt te worden voor onverwachte opmerkingen. Mijn blik op de grond gericht, bang om iemand in de ogen te kijken en een ongepaste opmerking uit te lokken. Steeds weer onzeker hoe te reageren. Negeren, adresseren of meelachen. Maar altijd klaar om weg te springen.
MeToo maakte duidelijk dat er naast juridische kaders ook een diepgaande maatschappelijke mentaliteitsverandering nodig was
We hebben het allemaal gezien: het gesprek tussen Soundos El Ahmadi en Bart Schols in De Afspraak over onveiligheid van vrouwen. Wat daarop volgde, was een vloedgolf van reacties op sociale media. Ervaringen over seksueel grensoverschrijdend gedrag in de publieke ruimte werden massaal gedeeld. Dit ging van terugkerende kleine incidenten, ook wel micro-agressie genoemd, naar aanranding.
Sinds de EU in 1997 richtlijnen rond gender mainstreaming opstelde, heeft België deze in 2007 vertaald naar wettelijke verplichtingen binnen het federale beleid. Met de opeenvolgende antidiscriminatie- en seksismewetten heeft België grote stappen gezet in het juridisch verankeren van gelijke rechten, bescherming tegen discriminatie, en het strafbaar maken van seksueel grensoverschrijdend gedrag, intimidatie en gendergerelateerd geweld.
We herinneren ons allemaal nog de MeToo-beweging in 2017, toen wereldwijd de termen consent en seksuele intimidatie onze huiskamers binnendrongen. Het werd toen pijnlijk duidelijk dat er naast juridische kaders ook een diepgaande maatschappelijke mentaliteitsverandering nodig was. Dankzij de MeToo beweging is er meer aandacht gekomen voor de waardigheid van vrouwen. Gedrag dat vroeger normaal werd gevonden, heeft nu een naam en komt duidelijk minder vaak voor.
De vele verhalen op sociale media en in kranten tonen geen geïsoleerde verontwaardiging, maar een collectieve teleurstelling
Maar de aflevering van De Afspraak heeft ons wakker geschud. In de reactie van Soundos klinkt de ontreddering die talloze vrouwen maar al te goed herkennen. Het is diezelfde verstarring, diezelfde woede en datzelfde ongeloof dat vrouwen al vaker hebben gevoeld; op café met vrienden, aan tafel met collega’s, of thuis in de zetel bij familie. De vele verhalen en stemmen op sociale media en in de kranten tonen dan ook geen geïsoleerde verontwaardiging, maar een collectieve teleurstelling: de pijnlijke realisatie dat diepgewortelde machtsdynamieken en geïnternaliseerde genderrollen nog steeds een groot deel van onze samenleving bepalen.
Woede als maatschappelijk kantelpunt
Wat opvallend is, is dat veel mensen commentaar gaven op die woede. Er werd gezegd dat woede niet verbindend is, dat woede ons niet verder gaat brengen. Maar wat we hier zien is, net zoals bij MeToo, een collectieve woede. Een woede die als een vloedgolf opkomt, ons verrast en ons wakker schudt. Die woede is noodzakelijk om tot erkenning en structurele verandering te komen. Die woede is een maatschappelijk kantelpunt.
De Engelse filosofe Martha Nussbaum noemt dit transitionele woede. Woede die aangeeft dat iets verkeerd is en nooit meer mag gebeuren, maar die vervolgens ook de blik richt op een remedie voor de toekomst. Protest is, schrijft zij, een manier om de aandacht te vestigen op misstanden, zodat mensen gestimuleerd worden om daar iets aan te doen.
Nu de eerste schokgolf, de eerste roep om erkenning gebeurd is, kunnen we nadenken over manieren om onze mentaliteit te veranderen. En dit zonder in het oude patroon van wij-zij te hervallen. Deze transitionele woede kan onze samenleving vormgeven zodat er ruimte komt voor waardering voor empathie, zorgzaamheid, luisteren en verbindende communicatie.
De verbindende kracht van grenzen
In de verhalen die naar voren kwamen, zien we zelden één grote, duidelijke grensoverschrijding. Veel vaker gaat het om een opeenstapeling van ogenschijnlijk kleine ervaringen als slachtoffer of als toeschouwer. Ervaringen die gebeuren in een grijze zone. Deze kleine incidenten stapelen zich doorheen een leven op. De systematische micro-agressie rekt iemands grenzen steeds verder op en berokkent de persoon in kwestie diepgaande emotionele schade. Micro-agressie creëert zo mee een angstcultuur. Mensen leren dat het subtiele gedrag “normaal” is, dat protesteren overdreven lijkt, en dat zwijgen de veiligste optie is.
Wie een grens aangeeft, wordt al snel gezien als lastig, gevoelig of conflictzoekend
In artikels en reacties na De Afspraak klonk het vaak: “Mannen en vrouwen moeten reageren wanneer ze grensoverschrijdend gedrag zien.” Dat klinkt eenvoudig, maar de realiteit is complexer. Grensoverschrijdend gedrag is niet altijd gemakkelijk te herkennen. Vaak is het subtiel en sociaal slim verpakt. Zo subtiel zelfs dat de persoon die het meemaakt pas achteraf beseft dat er over zijn of haar grens gegaan is. Net daarom is het niet gemakkelijk een situatie in te schatten en de moed te hebben deze stop te zetten.
Het probleem is bovendien breder dan enkel “foute individuen”. Het lijkt erop dat we het in België in het algemeen moeilijk vinden om duidelijke grenzen te stellen. Er is weinig open feedbackcultuur. Wie een grens aangeeft, wordt al snel gezien als lastig, gevoelig of conflictzoekend. Terwijl grenzen stellen net een basisvoorwaarde is voor veiligheid. Het stellen van een grens wordt vaak gezien als een aanslag op de hele persoon in plaats van een gedrag. De persoon in kwestie voelt zich gekwetst, en gaat in het verweer. Niet zelden volgt minimalisering, een grap, of een verwijt aan de melder. Zo wordt degene die reageert opnieuw afgestraft.
Nochtans kan het aangeven van grenzen, en het vermogen om constructieve feedback te geven en te ontvangen, relaties juist versterken en verdiepen. Grenzen beschermen niet alleen degene die ze stelt, ze geven de ander ook de kans om een goed persoon te zijn. Een grens kan helder, rustig en zelfs vriendelijk zijn. Ze gaat over een bepaald gedrag, niet over karakter. Op lange termijn creëert dit een veilige omgeving en verkleint de grijze zones. Een heldere zone ontstaat waarin gespeeld en geëxperimenteerd kan worden en waarin diepliggende, intieme banden kunnen gevormd worden.
Het aangeven van grenzen, en het vermogen om constructieve feedback te geven en te ontvangen, kan relaties juist versterken en verdiepen
Je grenzen herkennen en aangeven kan pas wanneer je tot zelfontplooiing kan komen en weet wie je bent. In een cultuur waar vrouwen systematisch worden onderdrukt, krijgen zij het niet gemakkelijk om hun grens te kennen en aan te geven. Meisjes leren al van jongs af aan zich te schikken, te glimlachen, niet onbeleefd te zijn en te luisteren. Tegelijkertijd doet de agressor vaak gewoon wat hij of zij geleerd heeft via sociale media, series, vrienden en eeuwenoude maatschappelijke normen, met als diepere overtuiging dat een ‘nee’ moet worden omgebogen naar een ‘ja’.
Het is daarom cruciaal dat mensen leren luisteren en situaties reflectief benaderen. En dat vrouwen zo de kans krijgen hun eigen grenzen te ontdekken. Dit is enkel mogelijk wanneer er naar elkaar geluisterd wordt en grenzen al vanaf de kindertijd gerespecteerd worden.
Reageren op grensoverschrijdend gedrag
Twee jaar geleden vroeg men op mijn werk of ik een protocol kon uitschrijven voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Elke werkgever moet in België immers in zijn preventiebeleid enkele maatregelen opnemen die gericht zijn op de bestrijding van ongewenst seksueel gedrag op het werk. Er moet een protocol zijn en een vertrouwenspersoon. Ik baseerde mij op het vlaggensysteem van Sensoa, een methodiek om seksueel gedrag in te schatten aan de hand van zes criteria.
Ze geven ook advies over hoe je als slachtoffer of als toeschouwer gepast kan reageren. Je benoemt het gedrag, je zegt dat het moet stoppen en je stelt je grens. Indien mogelijk kan je een alternatief aanbieden. Nadien volgen er ook adviezen hoe je nadien een verbindend gesprek kan aangaan met de betrokken partijen.
Het vlaggensysteem van Sensoa geeft handvaten om seksueel gedrag in te schatten
Voor mij was de kennismaking met het vlaggensysteem een kantelmoment. Waar ik voorheen bij grensoverschrijdend gedrag enkel ongemakkelijk kon lachen of wegkijken, waardoor er een langdurig ongemak ontstond, kon ik nu enkele standaardzinnen gebruiken om een grens aan te geven, waardoor ik nadien toch een normale interactie kon behouden.
Bij het voorval op de trein voelde ik weliswaar angst, maar ik kon duidelijk zeggen dat het gedrag niet gepast was. Ik handelde kordaat en toen de man grof reageerde, besloot ik weg te gaan. Ondanks de schrik voelde ik me sterk en veilig, omdat ik mijn grens had gesteld. Ook bleek dat die man mij niet verder lastig viel, waardoor mijn vertrouwen versterkt werd.
Het vermogen om een grens te stellen is natuurlijk sterk afhankelijk van veiligheid en context. Niet iedereen kan altijd hun grenzen uitdrukken wanneer ze zich in een onveilige situatie bevinden.
Het vlaggensysteem geeft hier ook erkenning aan. Daarnaast benadrukt het systeem ook dat je op elk moment een grens kan aangeven. Je kan iemand ook nog aanspreken maanden na een bepaald incident.
Romantiek en macht
Een vaak gehoorde kritiek is dat wanneer vrouwen te veel grenzen stellen, er geen ruimte meer is voor het spel van de verleiding en romantiek. Het lijkt mij nochtans sterk dat het stellen van grenzen romantiek zou doden. Het overtreden van grenzen gaat immers over macht, niet over romantiek.
We moeten ophouden romantiek te verwarren met macht
Binnen duidelijk gerespecteerde grenzen kan juist een diepere vertrouwensband ontstaan: wederzijdse sympathie, intimiteit en het elkaar zien als gelijkwaardige mens. Intimidatie, grensoverschrijdend gedrag en verkrachting draaien niet om seksuele aantrekking, maar om machtsmisbruik. Het misbruiken van een positie in een samenleving waarin mannen domineren en vrouwen historisch niet als evenwaardig worden gezien.
We moeten ophouden romantiek te verwarren met macht: romantiek is niet iemand ongemakkelijk maken, verleiding is niet aandringen tot iemand toegeeft aan je avances. Romantiek betekent juist de ander zien en behandelen als een gelijkwaardig individu.
Mentaliteitsverandering
Een grote culturele verschuiving gebeurt niet van de ene dag op de andere; er is tijd voor nodig en een andere manier van naar elkaar kijken en elkaar behandelen op individueel niveau. Luisteren, grenzen aangeven en respecteren, en elkaar ruimte geven om te ontplooien zijn vaardigheden waar zowel mannen als vrouwen aan kunnen bijdragen.
We kunnen op de vloedgolf van collectieve woede zoeken naar wat ons verbindt en hoe we naar elkaar toe kunnen groeien
Mentaliteitsverandering begint bij het erkennen van de ander als gelijkwaardig en het echt luisteren. Dit kan al in de kindertijd: door spel en opvoeding leren kinderen hun grenzen kennen en respecteren. Opvoeding, series, sociale media en onderwijs spelen hierin een belangrijke rol. In mijn opleiding geneeskunde kregen we verplicht het vak verbindende communicatie, een vak met veel aandacht voor leren luisteren. Zo’n opleiding zou ook in lager en middelbaar onderwijs standaard moeten worden aangeboden.
Om tot echte verandering te komen, moeten we samenwerken en geloven in het goede in de medemens. We moeten op de vloedgolf van collectieve woede zoeken naar wat ons verbindt en hoe we naar elkaar toe kunnen groeien. Zoals filosoof Amia Srinivasan in haar boek Recht op seks schrijft: “De grootste verandering gebeurt niet op televisie, maar aan de keukentafel, op het werk, in vriendengroepen, in de trein.”