Het bruto binnenlands product, dat al decennia gelijke tred houdt met de kosten van het pensioen, is het enige criterium. Als we alle inactieven meerekenen, is de verhouding werkenden tegenover niet-werkenden al jaren haast één op één. Al in 2011 wees Gilbert De Swert, de afscheidnemende baas van de ACV-studiedienst, in zijn boek Het Pensioenspook op de kromredenering dat het aantal werkenden per gepensioneerde hét criterium zou zijn.
De pensioenen zullen altijd betaalbaar blijven, als je de welvaart eerlijk verdeelt, schreef hij. En daar knelt het schoentje, nergens anders. Dat de bevolkingspiramide zou evolueren naar het beeld van een koeltoren van Doel wist al wie kon rekenen al decennia. Niet de politici blijkbaar.
Maar de generatie die nu te veel geld opslorpt, zorgde gedurende de jaren dat ze werkte voor overschotten in de sociale zekerheid, want toen waren er te weinig bejaarden om pensioenen aan uit te delen. Denk aan de uitpuilende pensioenkas van Belgacom. Waar zijn die naartoe? In stilte mee uitgegeven? Geen nieuwe belastingen nodig en cadeaus uitdelen aan de vriendjes (niet noodzakelijk alle kiezers).
Zo betaalde de verguisde en vergrijsde generatie als ouder en loontrekkende mee aan onder meer de opleiding van de huidige jongere generatie die nu tegen haar wordt opgezet.
Jong tegen oud
Maar arbeid werd te duur, dus kregen de werkgevers in 2017 een enorm nieuw cadeau: de patronale bijdrage zakte van 33 naar 25 % op de bruto lonen. Daarmee werd de financiering van de sociale zekerheid flink onderuit gehaald. Nog niet genoeg? Dan werden de eerste aanwervingen vrijgesteld van die patronele lasten (= uitgesteld loon, waaronder pensioenrechten). Zelfs bij krapte op de arbeidsmarkt! Die vrijstelling slorpt intussen jaarlijks ettelijke miljarden op. Naast diverse andere subsidies aan het bedrijfsleven.
Niet genoeg? Indexsprongen dan maar die de werkgevers (+) en de werknemers (-) de rest van hun leven meedragen. Maar de sossen redden nu de index. Hallo?
Nog niet genoeg? Dan snoeien we in de uitkeringen: beperkte werkloosheid, afbouw van de ambtenarenpensioenen, eventueel zelfs afschaffing van het weduwenpensioen. Gelijkstelling van niet-gewerkte periodes als bruggepensioneerde, zieke, zorgende? Weg ermee.
En om dat allemaal te smeren zetten we diverse bevolkingsgroepen wat tegen mekaar op. De jongeren tegen de ouderen: er zijn slechts twee werkende jongeren om een gepensioneerde in luxe te laten leven, jullie werken je kapot voor een vegeterende oudere generatie. En met die leugens wordt de jongere generatie murw geslagen, zodat ze de aanslag op haar eigen pensioen in de toekomst slikt.
Werknemers tegen ambtenaren
De werknemers uit de privé tegen de ambtenaren: zij krijgen 900 euro per maand (betwistbare gemiddelden) netto meer dan jullie; zij werken minder lang; hun pensioen wordt voortdurend aangepast aan de loonsverhoging van de actieven, bovenop de indexering; daar zijn pensioenen bij van meer dan 8.000 euro. Per maand! Vooral voor politici en topambtenaren.
Dat is beeldvorming, want wie de oefening maakt en uit de statistieken van de pensioendienst de pensioenen aftopt naar bijvoorbeeld 3.500 euro per maand en de ‘winst’ uitsmeert over de rest van de pensioenslurpers merkt dat die elk hooguit 5 euro per maand meer krijgen. Al eens geprobeerd? Onthutsend.
En de vakbonden? Zij krijgen ervan langs, hoe durven zij ‘verworven rechten’ blijven verdedigen? Georges-Louis Bouchez verwijt hen dat ze nooit zelf één arbeidsplaats gecreëerd hebben! Het nieuwe orakel van Wallonië moet eens uitleggen hoeveel bedrijven ooit werden opgebouwd zonder werknemers.
Waarom zou hij die medewerkers niet een beetje fatsoenlijk betalen? De bovenste laag van de bevolking diept de kloof met de laagste laag qua vermogen steeds dieper uit (Paul Goossens, De Ongelijkheidsmachine, 2024). Ook de ongelijke belasting helpt een handje, uiteraard.
Bestolen door politici
En de managementvennootschappen van de captains of industry die hun vergoeding in een bedrijf stoppen, dat hen een karig loon maar uitgebreide faciliteiten ter beschikking stelt. Het opgebouwde vermogen op het einde van de loopbaan wordt dan verzilverd zonder sociale lasten en met zo weinig mogelijk belastingen.
Uit een en ander zou je kunnen concluderen dat de babyboomgeneratie niet de profiterende bende is die de kassen leegzuigt (die nooit zijn aangelegd, ook het Zilverfonds bleef leeg), maar degene die bestolen werd door generaties van politici die niet met welvaart bezig waren, maar met hun ambtsperiode en hun volgende verkiezing.
En dat gaat maar door.
Twee afgeborstelde heren van Unizo en VBO met de blik van het grote gelijk poeieren tijdens De Zevende Dag op VRT twee kennelijk slecht voorbereide vakbondsmensen af: in 2027 zullen de pensioenen zoveel procent van het bbp opslorpen! Schande.
Niemand stelt de vraag welk bbp zij hanteren? Dat van 2024 of dat van 2027? Als het over het eerste gaat: dat zal in 2027 niet meer kloppen. Als het over het tweede gaat, komt het uit hun glazen bol. Maar de stijging van de pensioenlast krijgt een cijfer. Puur intimidatie.
Geschenken voor werkgevers
Dat verschillende Europese landen al een groter deel van hun bbp aan pensioenen betalen dan België wordt even terzijde gelaten. Dat die hoge pensioenlast met de huidige boomgeneratie zal verdwijnen, wordt niet in rekening gebracht. Dat het bbp al decennia gelijke tred houdt met de stijging van de kosten van de pensioenen verdwijnt ook onder de mat.
Men zou denken dat kritische journalistiek deze slag om de pensioenen tegen het licht zou houden. Maar daar is geen sprake van. Commentatoren op papier en op het scherm toeteren de boodschap van regering en patroons na: het is “evident” dat er in de pensioenen moet “gesaneerd” worden. Hebben zij de belofte gekregen dat aan het journalistenpensioen niet getornd zal worden als ze braaf zijn?
Natuurlijk zit de federale overheid in een lastig parket. Europa wil een strak financieel beleid en telt de financiën van de federale staat en de deelstaten samen. En dan zien we dat de staatshervormingen een monster gecreëerd hebben. De partij N-VA wil nu federaal orde op zaken stellen door hard te snoeien in de sociale zekerheid. Niet in de geschenken aan de werkgevers (18 miljard per jaar intussen?).
Maar de centen van de deelstaten ontsnappen aan hun snoeiwoede. In het gewest Brussel bijvoorbeeld (een van onze zes regeringen) vliegen de miljarden de deur uit. En de N-VA van Bart De Wever kan er niet aan, en mag zelfs niet meespelen. De PS weigert met N-VA aan tafel te zitten. De premier buitenspel!
Vlaamse armoede
Een deel van de miljarden die De Wever uit de zakken van de werkman haalt, vliegen in Brussel over de balk. Europa telt het saldo. Dit land is niet meer bestuurbaar, kreet De Wever. Allicht, maar zijn het niet de separatisten die deze onbestuurbaarheid hebben opgebouwd?
Je steekt een stok in het wiel van de piepende kruiwagen, en zegt dan: zie je wel dat hij niet meer vooruit komt.
Wat nu? De federale staat verder uitkleden! Pensioenen en sociale zekerheid eerst. Wie met de overgebleven kruimels niet meer rond komt, moet maar naar het gewest voor een bestaansminimum. In Vlaanderen kan dan de kroon op het werk worden gezet: snoeien in de budgetten. De Vlaamse minister-president heeft zijn sporen al verdiend: budgetten voor de hoognodige sociale huisvesting naar de privévriendjes overhevelen, toen hij sociale huisvesting beheerde.
En dan volgt onvermijdelijk de volgende stap: privatisering van de pensioenen. Die fondsen openen heerlijke perspectieven op nieuwe beheersmandaten. De pensioenfondsen zelf kunnen dienen voor beleggingen, onder meer in vastgoed (Land Invest?) en andere leuke projecten: speculeren met het pensioengeld van de mensen. Het Nederlandse drama uit 2008 (-17% aan beurswaarde) dat duizenden gepensioneerden hun huis kostte, is al lang vergeten.
Dat zit allemaal goed in mekaar: op naar de Nieuwe Vlaamse Armoede.