Donderdag 7 oktober
Vandaag organiseren de Ierse VN-jongerenvertegenwoordigers een workshop over hoe we het best kunnen communiceren over de nieuwe ontwikkelingsdoelstellingen, ook de 2030-agenda genoemd, met een focus op jongeren. We krijgen rush-opdrachten waarin we voor camera’s in 1 minuut uitleggen wat de doelstellingen inhouden en waarom de rol van jongeren hierin zo belangrijk is. Ik ben onder de indruk van onze resultaten. De creativiteit van jonge mensen blijft me inspireren! ‘s Avonds worden we uitgenodigd door de US Youth Observor voor een receptie op de Amerikaanse Permanente Vertegenwoordiging bij de VN; een massief gebouw tegenover de VN-hoofdkantoren met een intensieve beveiligingsprocedure. De receptie krijgt een jeugdig tintje want op het menu staan heerlijk verse veggie-pizzas.
Vrijdag 8 oktober
Vandaag wordt op de VN-hoofdkantoren de Internationale Dag van het Meisje gevierd, een van de talrijke internationale VN-dagen maar eentje die me nauw aan het hart ligt. De grote zaal van de Trustschapsraad wordt omgetoverd tot een podium voor meisjes met een talrijk publiek. De jonge meisjes eisen de stoelen van de diplomaten op en informeren ons over statistische data, wetenschappelijke onderzoeken, getuigenissen van andere meisjes en hun eigen bezorgdheden op een artistieke manier door rollenspel, dans en dichtkunst.
De VN-jongerenvertegenwoordigers krijgen ook de kans om de Special Envoy on Youth, Ahmed Alhandawi, te ontmoeten en te spreken. Hij is aangewezen door de Secretaris-Generaal om jeugdzaken op internationaal niveau op te volgen en te promoten. Zijn functie is relatief nieuw en uniek. Het toont opnieuw aan dat jeugd een prioriteit is voor Ban Ki-moon. Alhandawi is toegankelijk en open voor nieuwe ideeën en vooral kritiek. We zijn met een 50-tal jongerenvertegenwoordigers uit 28 lidstaten. We vragen ons af waarom er niet meer jongerenvertegenwoordigers zijn uit het Zuiden. Alhandawi antwoordt dat hij al meerdere malen intensieve consultatierondes met politieke leiders heeft ondernomen door het Afrikaanse continent om het VN-jongerenprogramma te promoten. De meeste beleidsmakers zijn enthousiast, maar de implementatie blijft uit. Het zijn de lidstaten die VN-jongerenvertegenwoordigers moeten selecteren, begeleiden, financieren en naar hun VN-missies in New York sturen.
De groepsfoto die we met Alhandawi maken en op de Facebook-pagina van United Nations Youth posten krijgt dezelfde kritiek te verwerken. Commentaren zoals “de VN is een pro-blanke organisatie”, “waar zijn de Afrikaanse jongeren op deze foto” en zelfs “schaam u, Ban Ki-moon” staan te lezen onder de foto. Het is een pijnlijke vaststelling dat de VN maar zo goed (of net zo slecht?) kan werken als de lidstaten dat willen.
Maandag 11 oktober - Dinsdag 12 oktober
New York got me. Tijdens het weekend en het begin van deze week blijf ik in bed liggen met een griepvirus. Het doet pijn om vanalles te missen maar gezondheid boven alles!
Woensdag 13 oktober
Ik ben opnieuw fit genoeg om aan de slag te gaan. Vroeg in de ochtend worden we ontvangen op de Permanente Vertegenwoordiging van Sri Lanka bij de VN. We maken kennis met het begrip Youth Skills Development waarbij de zogenaamd ‘tranferrable’ of ‘soft’ skills van jongeren worden gepromoot om jeugdwerkloosheid te bestrijden.
In de namiddag wordt hetzelfde onderwerp ook aangekaart bij de lancering van het nieuwe rapport van het ILO (International Labour Organisation), het gespecialiseerde VN-agentschap dat instaat voor werk, ‘Global Trends of Youth Employment’. De globale jeugdwerkloosheid is licht gedaald maar ten opzichte van de cijfers voor de financiële crisis nog steeds te hoog. De ILO-medewerkers benadrukken dat we niet enkel mogen kijken naar de cijfers van jeugdwerkloosheid maar ook naar de kwaliteit en duurzaamheid van een job alsook de transitie van onderwijs naar werk. Beide factoren scoren in zowel in de geïndustrialiseerde landen als de ontwikkelingslanden. De oplossing ligt volgens hen in private en publieke investeringen in jobs voor jongeren, het maximaal begeleiden van maatschappelijk kwetsbare jongeren naar werk en een betere communicatie tussen onderwijs en werkgevers om de huidige ‚skill mismatch’ weg te werken. In het interactief debat werd opnieuw duidelijk dat etnische discriminatie op de arbeidsmarkt een internationaal probleem is. Verschillende jongeren halen de oververtegenwoordiging van etnisch-culturele minderheden in de werkloosheidscijfers aan.
Ik sluit de dag af met een high-level bijeenkomst over het ‘African Continental Framework on Youth Development’ in het kader van de Afrika-week. Een panellid merkt op: ”De gemiddelde leeftijd van de Afrikaanse bevolking is 18 jaar. De gemiddelde leeftijd van de beleidsmakers is 62 jaar. Hier is duidelijk een probleem.” We denken na over jeugdparticipatie, hoe jongeren kwaliteitsvol onderwijs en werk aan te bieden en hoe de migratie naar het Westen te stoppen. ”Dit is geen liefdadigheid, dit is een investering in het continent.” Ik ben het volmondig eens en kan alleen maar hopen dat het niet bij beloftes blijft.