Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

De ene euro is de andere niet

23 juli 2021 Koen Smets
rekenmachine
(Bruno Glätsch (Pixabay))

Beeld je in dat je bij een groot bedrijf en met pensioen gaat, en ter gelegenheid daarvan wordt er een etentje georganiseerd. Tijdens die gebeurtenis krijg je ook een cheque, maar het bedrag is toch wat aan de lage kant. Je doet navraag, en krijgt te horen dat de kosten van het etentje ervan zijn afgetrokken. Wat zou je daarvan vinden?

Dit is precies wat de moeder van econoom Robin Hanson overkwam, volgens een recente tweet. De afkeurende reacties op Robins tweet illustreerden dat er iets wrong in de situatie. Unaniem kritisch waren de antwoorden , honend zelfs, niet enkel voor de (niet nader genoemde) firma maar ook voor de kapitalistische cultuur in het algemeen.

De illusie van het gratis geld

De verbolgenheid lijkt verband te houden met de veronderstelling dat er twee verschillende categorieën van geld zijn (eentje voor bonussen, en een andere voor etentjes) terwijl er eigenlijk maar een is. De anekdote herinnerde me aan de mentale transitie die mij te beurt viel toen we van België naar het Verenigd Koninkrijk verhuisden. Ik was gewend aan een bruto jaarsalaris dat 13,85 keer mijn maandloon was: elf maanden werken, een maand vakantiegeld, een eindejaarspremie of dertiende maand, en tenslotte het dubbele vakantiegeld (dat toen 85% van een maandloon bedroeg). In het VK omvatte mijn jaarsalaris twintig dagen betaalde vakantie, maar daarmee was alles ook gezegd.

Vakantiegeld lijkt een vorm van sociale toelage die men van de werkgevers heeft losgepeuterd. Dat is twijfelachtig: werkgevers weten perfect hoeveel ze bereid zijn in totaal voor de diensten van een medewerker te betalen, en delen dit simpelweg op in stukjes 

De Belgische methode om verloning op te delen betekent dat alle werknemers extra blij zijn in mei of juni wanneer dat ‘extra’ vakantiegeld op de rekening komt, en de helft (de andere helft heeft geen recht op een eindejaarspremie) ook uitkijkt naar de maand december waarin de dertiende maand wordt uitbetaald. Britse werknemers genieten niet van dit soort opkikkertjes, maar mutatis mutandis krijgen ze natuurlijk wel een hoger maandsalaris.

Die bonus en dat extra vakantiegeld lijken sociale verworvenheden, een vorm van gratis toelage die men van de werkgevers heeft losgepeuterd. Dat is nochtans twijfelachtig. Werkgevers weten immers best wel hoeveel ze bereid zijn in totaal voor de diensten van een medewerker te betalen. Hoe dat in de praktijk in stukjes wordt gehakt, is voor hen van weinig belang. De waarde van een medewerker voor een werkgever is onveranderd, en werkgevers gaan niet zomaar de winstgevendheid van het bedrijf op het spel zetten door hun personeel meer te betalen. (Voor werknemers in de openbare sector zijn het natuurlijk de belastingbetalers – waaronder vanzelfsprekend ook de werknemers zelf – die de rekening betalen.)

Zogenaamde ‘patronale bijdragen’ – betalingen aan de schatkist die schijnbaar door werkgevers worden gedaan – zijn in hetzelfde bedje ziek. Is er immers een verschil tussen de werknemer die een hoger brutoloon krijgt en 30% van zijn loon aan belastingen betaalt en de werknemer die minder krijgt maar slechts 22,22% (20/90) moet betalen? Het nettoloon blijft hetzelfde, en de patronale bijdrage van 7,78% is afgehouden van het brutoloon van de werknemer. Het lijkt alsof de werkgever een deel van de kosten van de belasting betaalt, maar dat is een illusie.

Een kleiner voorbeeld: je kent ongetwijfeld het fenomeen van de ‘gratis verzending’. Hoe gratis is die verzending eigenlijk? Moeten we geloven dat de verkopers daarvoor uit hun eigen zak betalen? Of brengen ze  die kosten simpelweg onder in de totaalprijs?

Presentatie is de sleutel

De vraag is of het wat uitmaakt of de totale prijs die we betalen alles omvat, dan wel of we daar nog eens de verzending moeten bijtellen. Het feit dat ticketverkoper SeeTickets het nodig vindt uit te leggen waarom reserveringskosten worden aangerekend bovenop de nominale waarde suggereert dat niet iedereen blij is met zo’n extra kosten, maar het is niet noodzakelijk altijd zo simpel. Verschillende mensen hebben een verschillende reactie naargelang de omstandigheden.

‘Gratis’ verzending is aantrekkelijk, al was het alleen maar omdat het zo makkelijk is. Maar als Amazon, de grootste kleinhandelaar van de wereld, nog steeds verzendingskosten aanrekent voor sommige aankopen, mogen we er wellicht van uitgaan dat ‘gratis’ verzending niet onvoorwaardelijk beter is. De diverse elementen van een totaalprijs uitsplitsen, zelfs als je ze als consument toch allemaal moet betalen, kan een inzicht verschaffen dat verloren gaat in een all-in-prijs, en door sommige klanten worden gewaardeerd. De manier waarop een en ander wordt gepresenteerd doet dus beslist wel ter zake.

Een euro die je uitgeeft aan een jeansbroek is niet dezelfde als een euro die je betaalt voor de verzending ervan

Wat bedrijven, regeringen, en ook wijzelf, hier eigenlijk doen is expliciet of impliciet een specifiek raamwerk van mentale boekhouding opzetten. Geld is in principe 100% uitwisselbaar – een euro is overal en altijd een euro – maar mentaal boekhouden schuift dat idee terzijde door categorieën te introduceren. Een euro die je uitgeeft aan een jeansbroek is niet dezelfde als een euro die je betaalt voor de verzending ervan, een euro die je krijgt als dubbel vakantiegeld is niet dezelfde als een euro die deel uitmaakt van je normale salaris, en een euro die als patronale bijdrage wordt overgeschreven verschilt van een euro die de medewerker in inkomstenbelasting betaalt.

Zo kan een situatie worden gekaderd in een welbepaald verhaal: verzending is ‘gratis’, vakantiegeld is een ‘extraatje’ waarvoor we niet hoeven te werken, en de patronale bijdrage wordt door de werkgever betaald, en niet door de medewerker. Zo’n narratief kan ons een relatief beter of slechter gevoel geven, maar de onderliggende feiten blijven natuurlijk dezelfde.

En die feiten zijn als volgt. Of het nu gaat om een online aankoop, tickets voor een concert, patronale bijdragen, zwangerschapsuitkeringen, (enkel of dubbel) vakantiegeld, of een bescheiden pensioneringsbonuscheque, wat eruit ziet als gratis geld uiteindelijk zou wel eens ons eigen geld kunnen zijn. Zoals de Engelse zegswijze beweert: there aint’ no such thing as a free lunch, en dat geldt, zoals blijkt, zelfs voor pensioneringsetentjes.

LEES OOK