Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Evolutionaire economie deel 2 - Binnenin en tussenin

door Koen Smets
bacteriadam smith 2
Evolutie heeft het leven doordrenkt met economische principes binnen organismen en tussen de leden van hele samenlevingen. (Turek/Pexels)

Je zou kunnen zeggen dat economische principes bijna zo oud zijn als het leven zelf. Mutaties die organismen in staat stelden om efficiënter met schaarste om te gaan, werden duurzame aanpassingen. Bacteriën ontwikkelden aanpassingen die opportuniteitskosten gebruikten om vitale processen in stand te houden, planten en schimmels ontwikkelden netwerken voor de uitwisseling van voedingsstoffen, en insecten ontwikkelden gespecialiseerde kasten die arbeidsverdeling belichaamden.

Deze voorbeelden illustreren echter alleen hoe die principes gelden in individuele cellen of tussen organismen. In dit stukje bekijken we de meer ingewikkelde coördinatiesystemen binnenin organismen en tussen de leden van grotere populaties.

De economie binnenin

We hebben gezien hoe individuele cellen onderdelen hebben die zich specialiseren in bepaalde activiteiten, maar in meercellige organismen gaat dit veel verder. Ons lichaam moet (bijna letterlijk) ontelbare gelijktijdige transacties uitvoeren, allemaal gericht op het voortdurend heroriënteren van middelen, waarbij prioriteiten, variërend van onmiddellijke bedreigingen tot langetermijninvesteringen, dynamisch tegen elkaar worden afgewogen.

puzzling
Best voor nog wat extra zuurstof zorgen. (Thanassis Papazacharias/Pixabay)

Net als een organisatiemanager moet een organisme middelen inzetten ten dienste van langetermijndoelstellingen. De hersenen van gewervelde diersoorten vormen een goed voorbeeld: de hersenen van de mens maken slechts 2% van het lichaamsgewicht uit, maar zijn gulzige verbruikers van zuurstof (20% van onze totale opname), die deze schaarse hulpbron kanaliseren naar de gebieden waar de vraag het grootst is.

Wanneer we lezen of problemen oplossen, geven neuronen in de daarvoor actieve hersengebieden aan nabijgelegen bloedvaten een signaal om de bloedtoevoer te vergroten – een proces dat bekendstaat als neurovasculaire koppeling.

Waar ze ook actief zijn – van de bloedsomloop en de ademhaling tot het musculoskeletale en het immuunsysteem – alle cellen hebben zuurstof nodig voor de productie van energie. Elke cel ‘plaatst een bod’ voor hulpbronnen (net als in een budgetteringsproces) via een gesofisticeerd communicatiemechanisme dat snelle, gelokaliseerde neurale controle combineert (via de hypothalamus, die de signalen integreert en prioriteiten voor energiedistributie toekent) met langzamere, maar meer aangehouden hormonale seinen (via stoffen als insuline of cortisol).

Dit economisch systeem binnenin het lichaam hoeft niet onder te doen voor een multinational met zowel gecentraliseerde controle als gedecentraliseerde activiteiten. De kern in het beheersen van deze complexiteit is homeostase – het handhaven van optimale stabiele omstandigheden – vergelijkbaar met economisch evenwicht waarbij vraag en aanbod in evenwicht zijn.

Om dit te bereiken en te handhaven past ons lichaam op meesterlijke wijze economische concepten zoals de allocatie van middelen, opportuniteitskosten en afwegingen toe. Het endocriene en immuunsysteem stellen het in staat om de energietoewijzing te balanceren tussen onderhoud en voortplanting of groei en tussen deze langetermijninvesteringen en onmiddellijke behoeften.

Tijdens een infectie bijvoorbeeld eist het immuunsysteem extra energie op ten koste van andere functies (waaronder cognitie – we zijn inderdaad meestal niet op ons scherpst wanneer we ziek zijn). Dit is vergelijkbaar met hoe bedrijven financiële middelen verschuiven van bijvoorbeeld expansie naar crisismanagement.

De lichamen van gewervelden verzekeren zich ook tegen toekomstig risico. Eén voorbeeld is het in stand houden van reserves van vet en calcium (in botten) als verzekeringspolis tegen het risico van toekomstige schaarste. Een ander voorbeeld is de aanmaak van geheugencellen als gevolg van een infectie, om een nieuwe infectie met een pathogeen die ons al eerder te grazen nam te helpen afwenden.

Deze voorbeelden illustreren hoe dynamische interacties binnen organismen economische principes volgen. De evolutie van deze adaptieve mechanismen voor de toewijzing van middelen, afwegingen en risicobeheer hield hier echter niet op, maar zette zich verder op grotere schaal. 

De economie tussenin

Sociale groepen – van mierenkolonies tot leefgroepen van primaten – hebben op vergelijkbare wijze complexe interacties ontwikkeld om inspanningen te coördineren, hulpbronnen te distribueren en risico's te delen, en daarbij individuele en collectieve behoeften in evenwicht te houden. Walvisachtigen zijn coöperatieve jagers: individuen ‘investeren’ inspanning zonder direct persoonlijk gewin.

Orka’s coördineren hun acties om zeehonden op ijsschotsen te vangen door samen golven te veroorzaken of de ijsschots te laten kantelen, terwijl tuimelaardolfijnen gespecialiseerde rollen aannemen tijdens de jacht: ‘drijvers’ jagen vissen naar ‘blokkers’ die de prooi verhinderen te ontsnappen.

Visscholen kunnen ook gezien worden als een evolutionaire aanpassing die veel weg heeft van een risicopool: ook al worden sommigen gevangen door roofdieren, elk individu is gemiddeld veiliger als deel van de school. Bovendien hebben posities binnen scholen verschillende waarden in deze biologische ‘veiligheidsmarkt’ – centrale posities bieden meer bescherming en zijn daarom ‘duurder’ in termen van de energie die wordt besteed om ze te behouden en de sociale vereisten om ze in te nemen.

Onderzoek suggereert dat vissen met een verhoogde risicoperceptie meer investeren om deze centrale posities in te nemen, net zoals mensen een hogere prijs betalen voor een woning in een veiliger buurt.

octopolis
Welkom in mijn nederige woning. (John Turnbull/Flickr CC BY NC SA 2.0)

Nog onder water vertonen Octopolis en Octlantis, twee octopus-'nederzettingen' voor de kust van New South Wales, opmerkelijk complex sociaal gedrag dat verder alleen bij gewervelde dieren voorkomt. De dieren vertonen territorialiteit, waarbij de bewoners van een nest ‘investeren’ in hun eigendom door schelpen en andere materialen te verzamelen om hun schuilplaatsen aan te passen, en vervolgens deze investering verdedigen tegen indringers – fundamentele kenmerken van een eigendomseconomie.

Boven water is territorialiteit meer gebruikelijk en is ze vaak een kenmerk van een verfijnde economische organisatie. Verschillende vogelsoorten kunnen een horizontaal territorium delen maar het verticaal verdelen (net als mensen in flats). Merels, die voornamelijk grondvoeders zijn, beschermen hun ‘eigendom’ niet alleen tegen soortgenoten maar ook tegen andere concurrenten voor hetzelfde voedsel zoals zanglijsters, terwijl ze vogels die hun voeding in de boomkruinen zoeken, zoals boomklevers, negeren.

De intensiteit van hun inspanningen om hun gebied te verdedigen – zang en patrouilleren – weerspiegelt de schaarste van voedsel en de frequentie van indringers, een teken van kosten-batenanalyse bij vogels.

Wolvenroedels bepalen hun territoria ook op “economische” manier. De grootte van hun territorium weerspiegelt de prooidichtheid, de grootte van de roedel en hun efficiëntie bij het jagen. Omdat ze proactief middelen inzetten om hun territorium te verdedigen (door middel van geurmarkering, vocalisatie en fysieke confrontatie met indringers), zorgt dit voor een optimale balans tussen voedselbehoeften en vereiste verdedigingsinspanningen. De natuur beloont efficiëntie, net als de menselijke economie. 

Om George Orwell te parafraseren: binnen diersamenlevingen zijn sommige dieren gelijker dan andere. Status levert vaak economische (en reproductieve) voordelen op en bepaalt zo het sociale gedrag. Kraaien kunnen bijvoorbeeld problemen oplossen (zoals voorwerpen als gereedschap gebruiken om voedsel uit moeilijke plaatsen te halen), bedreigingen herkennen en anderen waarschuwen, en middelen beschermen door misleiding (doen alsof ze voedsel op de ene plek verstoppen terwijl ze het stiekem ergens anders opslaan).

Deze praktijken dienen duidelijk de gemeenschap, die in ruil individuen die een bijdrage leveren beloont met een status die hen betere toegang tot voedsel en sociale bescherming verschaft. 

Deze natuurlijke economieën kenmerken een diepgaande evolutionaire innovatie – het coördineren van de toewijzing van schaarse middelen in complexe systemen. Terwijl een bacterie bepaalt welke eiwitten worden geproduceerd, coördineert ons lichaam de toewijzing van middelen over triljoenen cellen tegelijkertijd.

Op dezelfde manier zijn complexe dierlijke samenlevingen met gespecialiseerde rollen, dynamische arbeidstoewijzing en gedistribueerde besluitvorming een significante sprong in de richting van menselijke economische complexiteit.

Het laatste deel van de reeks zal kijken naar hoe de menselijke economie in het verlengde ligt van drie miljard jaar evolutie, waarbij vaak natuurlijke marktmechanismen en de economische principes die deze sturen, worden nagebootst of gekopieerd.

LEES OOK
Koen Smets 16-05-2025

Evolutionaire economie deel 3 – Op mensenmaat

De menselijke economie heeft haar wortels in de evolutie van het leven maar bevat ook unieke nieuwe elementen.
Bacteriadam Smith 3
Koen Smets 25-04-2025

Evolutionaire oorsprong van economische principes

De eerste aflevering van een driedelige reeks over evolutionaire economie.
bacteriadamsmith