Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Evolutionaire economie deel 3 – Op mensenmaat

door Koen Smets
Bacteriadam Smith 3
De menselijke economie heeft haar wortels in de evolutie van het leven, maar bevat ook unieke nieuwe elementen. (Turek/Pexels)

Vanaf het prille begin stond het leven voor een fundamentele uitdaging: hulpbronnen waren schaars. Bacteriën die efficiënter waren dan andere in het toewijzen van deze schaarse middelen konden beter voldoen aan drie gelijktijdige primaire doelen: overleven, floreren en reproduceren. Zij hielden stand.

Later ontwikkelden grotere organismen symbiotische win-winrelaties (zoals algen en koralen). Planten en schimmels vormden fysieke mycorrhizale netwerken voor het uitwisselen van voedingsstoffen en insecten vormden kolonies waarin individuen gespecialiseerde rollen hadden.

Meercellige organismen ontwikkelden organen die gedecentraliseerde functies uitvoerden, met een gecentraliseerd mechanisme voor de toewijzing van hulpbronnen. Zoogdieren, vogels en vissen vormden ‘samenlevingen’ die individuele en collectieve behoeften met elkaar in evenwicht brachten.

Al die tijd bleef de evolutie die organismen bevoordelen die het beste gebruik maakten van de beschikbare schaarse middelen door fundamentele economische concepten toe te passen: afwegingen, opportuniteitskosten, wederzijds voordelige handel, comparatief voordeel, markten, arbeidsverdeling, gecentraliseerde/decentrale planning en werking, kosten-batenanalyse en meer.

Het is geen verrassing dat de menselijke economie is gebouwd op al deze, in de loop van talloze generaties verfijnde fundamenten die we via onze genen erfden. Onze economische systemen zijn in veel opzichten replicaties en uitbreidingen – al wijken ze er soms ook van af – van evolutionaire precedenten.

Smeermiddel voor economische wielen

De uitvinding van abstract, representatief geld markeert de eerste belangrijke economische innovatie van de mensheid. De evolutie had al interessante prototypes van abstract geld voortgebracht: sommige prieelvogels verzamelen willekeurige kleurrijke voorwerpen enkel om hun nest en zo ook een partner te versieren, maar dit paringsritueel vervult niet de functies van een betaalmiddel – een ruilmiddel, een rekeneenheid en een oppotmiddel.

Geld, losgekoppeld van fysieke goederen, zorgde voor een flinke smering van de economische activiteit. Ruilen was immers ingewikkeld: er moest voor elke transactie onderhandeld worden over een wisselkoers en het was extra lastig als beide partijen niet precies hadden wat de ander nodig had, én in de juiste hoeveelheid (het ‘samenvallen van behoeften’).

Als je maar een fractie van een everzwijnkarkas nodig had en de eigenaar was niet bereid om het op te splitsen, of niet geïnteresseerd in jouw graan of jouw aarden potten, no deal. Abstract geld loste dat allemaal op – en het maakte concurrentie mogelijk, een belangrijke drijvende kracht in de evolutie: ook zo zou wie schaarse middelen efficiënter gebruikte zegevieren.

beaver dam
Investeren in de natuur. (Howard Walsh/Pixabay)

Naast het vergemakkelijken van transacties in het heden maakte geld ook economische uitwisselingen in de tijd mogelijk. Organismen hebben lange tijd extra schaarse middelen opgeslagen als lichaamsreserves of als voedselreservoirs voor magere tijden. Geld maakte dit veel gemakkelijker voor mensen – het was niet langer nodig om fysieke overschotten op te potten voor later.

De natuur biedt ook voorbeelden van ‘investeren’: bevers bouwen duurzame dammen om een veilige omgeving te creëren. De mens breidde dit concept uit: ook al gingen krediet en rente vooraf aan geld, de intertemporele expansie van de economie schiep geheel nieuwe mogelijkheden: investeringen konden opbrengsten genereren die hoger waren dan de oorspronkelijke waarde van de geïnvesteerde middelen, rente kon het risico van lenen compenseren, en de planningshorizon kon verder reiken dan één generatie.

Dit leidde tot een fundamentele transformatie van de menselijke samenleving, want het maakte infrastructuurprojecten, kennisaccumulatie en intergenerationele welvaartsoverdracht mogelijk op een schaal die niet voorkomt in natuurlijke systemen, waar de meeste waarde in elke generatie opnieuw moet worden gecreëerd.

Lessen in complexiteit

De evolutie ontwikkelde gecentraliseerd (vooral binnenin organismen) en gedecentraliseerd (vooral er tussenin) beheer van hulpbronnen. Lichamen – stabiele, voorspelbare omgevingen – hebben baat bij gecentraliseerde controle die signalen van de organen integreert en het aanbod efficiënt aanpast aan de vraag.

Insectenkolonies en mycorrhizale netwerken hebben daarentegen te kampen met onvoorspelbare omstandigheden, waarvoor decentralisatie beter geschikt is. Gedistribueerde intelligentie kan zowel proactief (in gecrowdsourcede foerageerkeuzes) als responsief (elk individu dat een bedreiging bemerkt mobiliseert anderen om de kolonie te verdedigen) zijn. Deze decentralisatie zorgt voor veerkracht – zelfs bij een ramp kan een klein deel van de leden met wat eieren de hele kolonie herstellen.

Hoewel omvang weliswaar meestal correleert met decentralisatie passen menselijke organisaties zelden netjes in een van beide modellen. Dit is een uitdaging voor groeiende bedrijven, die hun structuur veel sneller moeten aanpassen dan de natuurlijke evolutie.

Toch biedt de natuur weerom een leidraad voor dit dilemma: bijenkolonies centraliseren de voortplanting maar decentraliseren het foerageren, terwijl slijmzwammen overgaan van individuele cellen naar collectieve organismen wanneer hulpbronnen schaars worden. Deze hybride benaderingen suggereren dat effectieve organisaties best flexibele bestuurssystemen opzetten, klaar om specifieke functies aan te passen aan veranderende omstandigheden.

bumblebee
Vandaag exploiteer ik, morgen ga ik exploreren. (Claudia Wollesen/Pixabay)

Zelfs de vroegste bacteriën hadden te maken met concurrentie om schaarse middelen tussen onmiddellijke behoeften (vluchten voor dreigingen, zoeken naar voedingsstoffen, herstellen van schade) en afgelegen doelen (groei, voortplanting). Evolutionair succes vereist effectieve afwegingen tussen beide.

Complexe organismen hebben te maken met meer diverse gevallen van spanning tussen heden en toekomst, bijvoorbeeld de keuze tussen exploitatie (van de huidige voedingsgebieden) en exploratie (naar nieuw terrein) bij hommels, en zelfs bij planten die schakelen tussen conservatieve en acquisitieve strategieën voor foerageren met wortels (bodemverkenning en -ontginning voor voedingsstoffen). 

Het feit dat de evolutie ervoor zorgt dat we oog hebben voor langetermijndoelen heeft sterke parallellen met investeringen in menselijke economieën, van onderwijs en pensioensparen, tot het aanschaffen van productieapparatuur of het besteden van middelen aan productontwikkeling.

Zelfs het concept van gediversifieerde portefeuilles – van producten in verschillende marktsegmenten, of van aandelenbezit in verschillende industrieën of gebieden – evolueerde eerst in de natuur: bepaalde planten dekken risico af door verschillende soorten zaden te produceren die geschikt zijn voor verschillende omgevingsomstandigheden. 

Een breuk met de natuur

Maar de menselijke economie wijkt ook soms af van de natuur. Roofdieren betekenen ongetwijfeld "kosten" voor de prooi, en de beschikbaarheid van voedingsstoffen is een "voordeel" voor hongerige organismen. Maar echte externaliteiten – de indirecte kosten of baten die voortvloeien uit transacties tussen andere partijen die niet-betrokken derden beïnvloeden – zijn echter uniek in menselijke economieën.

In de natuur zorgen geëvolueerde aanpassingen in de benadeelden of begunstigden van kosten en baten ervoor dat na verloop van tijd de positieve of negatieve selectiedruk worden ‘geïnternaliseerd’, met een dynamisch evenwicht voor gevolg. Menselijke economieën nemen hun toevlucht tot belastingen en wetgeving (die je evenmin in de natuur vindt) om externaliteiten te internaliseren, maar vaak blijven ze gewoon bestaan.

Menselijke economische cycli wijken ook af van de perfecte cirkels van de natuur: de afvalproducten van elk organisme, en uiteindelijk het organisme zelf, worden voedsel voor een ander, waardoor een letterlijke "cirkel van het leven" ontstaat. Afgevallen bladeren veranderen, nadat ze zijn uitgefotosynthetiseerd, in voedingsstoffen voor de bodem die nieuwe groei voeden, waarbij niets echt verspild wordt.

Menselijke economieën verbruiken echter niet alleen voedsel, maar ook talloze andere materialen, en die vormen lineaire ketens: we onttrekken, gebruiken en gooien weg. Deze lineaire structuur genereert twee problemen die niet voorkomen in de circulaire economie van de natuur: vervuiling (een externaliteit) en uitputting van hulpbronnen – beide suggereren dat we misschien wel een fundamenteel evolutionair inzicht hebben genegeerd.

We maken soms ook wel eens fouten wanneer we de natuur kopiëren of erop voortbouwen. Abstracte valuta, losgekoppeld van enige inherente waarde, maken de vorming van zeepbellen en speculatieve crashes mogelijk. Transacties in de tijd zijn kwetsbaar voor irrationele uitbundigheid en al te optimistische misrekening.

Centralisatie op te grote schaal of in volatiele omstandigheden leidt tot inefficiëntie door een gebrek aan wendbaarheid en flexibiliteit. En misschien wel het meest verrassend: ondanks het overtuigende bewijs van de evolutie dat vrijwillige samenwerking waarde creëert, blijven veel mensen vasthouden aan het nulsomdenken. 

Menselijke economie is geen abstracte creatie van mensen, maar is geworteld in drie miljard jaar van opgebouwde wijsheid over het beheren van schaarse middelen. Ze staat op de schouders van de reus van de evolutie. Inzicht in de economieën van de natuur – hun structuren, aanpassingen en mislukkingen – onthult niet alleen hoe de evolutie ons eigen economisch gedrag heeft gevormd maar ook hoe wij deze beproefde principes beter kunnen toepassen.

LEES OOK
Koen Smets 09-05-2025

Evolutionaire economie deel 2 - Binnenin en tussenin

De tweede aflevering van een driedelige reeks over evolutionaire economie.
bacteriadam smith 2
Koen Smets 25-04-2025

Evolutionaire oorsprong van economische principes

De eerste aflevering van een driedelige reeks over evolutionaire economie.
bacteriadamsmith