Nieuwe surveygegevens over gezondheid(songelijkheden) in Europa bieden een actuele blik op de meest voorkomende werkgerelateerde gezondheidsproblematiek: spier- en skeletaandoeningen (SSA). Zo geeft in 2024 67% van de Belgische bevolking aan het afgelopen jaar last te hebben gehad van een of meerdere SSA-gerelateerde gezondheidsklachten. En voor 39% van de Belgen vormen deze gezondheidsklachten zelfs een belemmering voor hun dagelijkse activiteiten.
Helikopterblik
Neem je deze gegevens over SSA samen overheen de Europese landen en beide enquêteperiodes (2014, 2024), dan laat dat een helikopterblik toe op de verschillende (sub)sectoren en hun kenmerken. In welke sectoren is het aandeel werknemers met zulke belemmerende spier- en skeletaandoeningen groter, en verschilt dit tussen sectoren met meer mannelijke dan wel vrouwelijke tewerkstelling (Figuur hieronder)?
In sectoren zoals computerherstellingen (eerder mannelijk) of juridische- en boekhoudactiviteiten (eerder vrouwelijk) ligt het aandeel werknemers met belemmerende spier- en skeletaandoeningen het laagste. Het zijn ook sectoren die men niet spontaan zou omschrijven als fysiek "zwaar" of risicovol werk – hoewel zelfs in zulke sectoren zo'n een op vijf werknemers lijdt aan belemmerende spier- en skeletaandoeningen.
Opvallend genderverschil in perceptie
Vertrekken we van de uiteindelijke gezondheidsimpact van fysiek belastend werk, is er weinig grond voor genderongelijke opvattingen over waar “zwaar” werk zich situeert
In andere sectoren ligt het aandeel werknemers met gezondheidsklachten tot tweemaal hoger. Hier duikt ook een opvallend genderverschil op in de perceptie van hoe "zwaar" werk is in zulke sectoren. De arbeid in uitgesproken mannelijke sectoren zoals olie- en gaswinning, metaalindustrie, of de installatie en herstel van machines, omschrijft men waarschijnlijk spontaan als fysiek "zwaar" werk met gezondheidsrisico's. Dat is ook zeer duidelijk het geval: zo'n 30 à 40% van de werknemers in die sectoren zijn getroffen door belemmerende spier- en skeletaandoeningen.
Het werk in zeer vrouwelijke sectoren zoals kuiswerk en de sociale- en gezondheidszorg – bijvoorbeeld rusthuizen, zorginstellingen met inwoning, ziekenhuizen, etc. – krijgt echter vaak het etiket "zachte beroepen". Dit terwijl het aandeel werkneemsters getroffen door belemmerende spier- en skeletaandoeningen in die sectoren vergelijkbaar is met bijvoorbeeld de metaalindustrie of de olie- en gaswinning. Vertrekken we van de uiteindelijke gezondheidsimpact van fysiek belastend werk, dan is er weinig grond voor zulke genderongelijke opvattingen over waar "zwaar" werk zich situeert.
Recordaandeel langdurig zieken
De link tussen werk en langdurige ziekte weinig publieke of beleidsaandacht
Deze genderongelijkheid in perceptie vormt ook een obstakel voor een degelijk begrip van, en beleid tegen, ziekmakend werk en resulterende langdurige ziekte. Een derde van de langdurige zieken lijdt aan spier- en skeletaandoeningen, vrouwelijke werkneemsters belanden disproportioneel in langdurige ziekte, en de twee sectoren met het hoogste aandeel werknemers die langdurig ziek worden, zijn de enorm vrouwelijke sectoren van de zorg (ongeveer 80% vrouwelijk) en dienstencheques (ongeveer 95% vrouwelijk).
Dit zijn vaststellingen die niet zouden mogen verbazen met bovenstaande cijfers over het aandeel werkneemsters met spier- en skeletaandoeningen in de kuis- en zorgsectoren. Toch krijgt deze link tussen werk en langdurige ziekte weinig publieke of beleidsaandacht, mogelijk (impliciet) mee aangedreven door genderstereotype opvattingen dat "stofzuigen of bejaarden eten geven toch niet echt 'zwaar' werk is".
Fouten uit het verleden
Door deze blinde vlek dreigen recente beleidsmaatregelen – zoals sancties voor langdurig zieken of de beperking van werkloosheidsuitkeringen in de tijd – de fouten uit het verleden te herhalen. De vervrouwelijking van de arbeidsmarkt werd toegejuicht en beleidsmatig aangemoedigd, maar met gebrekkige aandacht voor de arbeidskwaliteit van het werk waar vrouwen instroomden.
De vervrouwelijking van de arbeidsmarkt werd toegejuicht en beleidsmatig aangemoedigd, maar met gebrekkige aandacht voor de arbeidskwaliteit
Zo zorgt bijvoorbeeld het 25 jaar geleden ingevoerde dienstenchequesysteem ervoor dat er minder werkloze vrouwen zijn. Maar het werk in die sector is dusdanig ziekmakend georganiseerd dat het een prominent kanaal vormt van werkloosheid naar langdurige ziekte, en een vestzak-broekzakoperatie tussen werkloosheids- en arbeidsongeschiktheidsuitgaven.
Maatregelen die niet-beroepsactieve werknemers met de stok naar de arbeidsmarkt duwen zonder rekening te houden met de arbeidskwaliteit van het beschikbare werk vormen zo een ziekmakende carrousel tussen uitkeringsstelsels. En groepen zoals vrouwen, met een gemiddeld zwakkere arbeidsmarktpositie en geconfronteerd met stereotype opvattingen over hoe "zwaar" hun werk is, zullen dat disproportioneel voelen.