Wie was er tot voor kort nog bezig met de geschiedenis van het Belgische leger? De Flanders Fields-industrie, de studenten en professoren van de militaire school in Brussel en hier en daar een heemkundige met martiale trekjes. Maar voor de rest? Sinds we uitgepraat zijn over de Frontbeweging bracht met name Vlaanderen nog maar weinig belangstelling op. Geen geschiedenis zonder primaire bronnen, natuurlijk.
Ontoegankelijk voor onderzoek
Ik was vorig jaar op zoek naar het personeelsdossier van reserve-officier Jef Geeraerts, die altijd prat ging op zijn militaire prestaties in onze kolonie (zie daarvoor zijn boek Gangreen 2. De goede moordenaar). Het archief van het Belgische leger is verspreid over verschillende plaatsen, het Legermuseum in het Jubelpark (documenten tot ongeveer 1940), het Kwartier Koningin Elisabeth in Evere en, sinds kort, het Rijksarchief. Het personeelsdossier van Jef Geeraerts bleek nog in Evere te zitten.
Geen geschiedenis zonder primaire bronnen
Het kostte mij een volle maand om daar een afspraak te krijgen, die nog eens twee maanden verderop in het jaar werd vastgelegd. Halverwege de zomer riep Evere “ernstige stormschade” in om mijn bezoek voor onbepaalde tijd uit te stellen. Uiteindelijk duurde het ongeveer een half jaar om het dossier Geeraerts te mogen consulteren in een kille loods van het Kwartier Koningin Elisabeth, blok 15.
Ik was daar eerder geweest, in de vroege jaren 90 en had toen zonder veel problemen velddagboeken en andere documenten uit de jaren 60 kunnen consulteren. Maar alles was anders nu. Dit was niet langer het oude Centrum voor Historische Documentatie van de Krijgsmacht, maar het archief van Algemene Dienst Inlichting en Veiligheid (ADIV), de militaire inlichtingendienst. Omdat ik ook op zoek was naar de context van Geeraerts' militaire prestaties, zocht ik documenten over de Belgische troepen in Congo in de jaren 50. De verwijzingen daarnaar vond ik in oude, gestencilde inventarissen. Die documenten zitten wel degelijk in Evere, maar het grootste deel daarvan bleek in 2024 nog altijd “geclassificeerd”, ontoegankelijk voor onderzoek.
Bureaucratische traagheid
Een paar maanden na mijn wat teleurstellende bezoek aan Evere las ik het prachtige boek The Katangese Gendarmes (verschenen bij Indiana University Press in 2016), van Erik Kennes en Miles Larmer. Tot mijn verbazing zag ik dat de auteurs documenten uit Evere citeerden die dateerden uit de jaren 70. Hoe kon dat nu? Ik vroeg het aan Evere en kreeg antwoord van een robot die zich ACOSIS-S-CA noemt (Assistant Chief Of Staff Intelligence and Security). ACOSIS zou mijn vraag bestuderen, maar het antwoord kon zestig werkdagen op zich laten wachten.
De hoofdarchivaris in Evere gunde zich uiteindelijk 172 kalenderdagen om mij mee te delen dat “mijn” documenten nog steeds onder het militair geheim vallen
De hoofdarchivaris in Evere gunde zich uiteindelijk 172 kalenderdagen om mij mee te delen dat “mijn” documenten (uit de jaren 50) nog steeds onder het militair geheim vallen en alleen toegankelijk zijn voor personen die een 'veiligheidsmachtiging' bezitten, een briefing hebben ondergaan en kunnen aantonen dat toegang tot die documenten 'noodzakelijk' is voor de uitoefening van hun functie.
Mijn opmerking dat voor een gedegen studie van onze koloniale geschiedenis de consultatie van die stukken vanzelfsprekend is, werd als volgt beantwoord (na slechts zes kalenderdagen): “Wij wensen u te informeren dat de ADIV momenteel geen veiligheidsmachtigingen verstrekt aan onderzoekers voor historisch onderzoek. Deze beslissing is het gevolg van gewijzigde prioriteiten binnen de dienst en een gebrek aan beschikbare tijd om dergelijke aanvragen te behandelen.”
De manier waarop de archivarissen van Evere zich achter de 'classificatiewet' van 1998 verschansen is indrukwekkend. Je zou je afvragen waarom mensen met zulke kwaliteiten niet ergens aan een of ander front worden ingezet. De classificatiewet wet bepaalt dat de Belgische overheid de toegang tot documenten kan beperken waarvan het 'ongeëigende gebruik' schade kan toebrengen aan (onder andere) 'de vervulling van de opdrachten van de strijdkrachten.' Historische documenten als 'geheim' bestempelen en ze ontoegankelijk maken voor onderzoek is natuurlijk ook een eenvoudige manier om de archiveringsarbeid tot een minimum te beperken. 'Gezond verstand' is blijkbaar niet de juiste vertaling van 'intelligence' als het over militaire geschiedenis gaat.