Samenwerking tussen kunstinstellingen is nooit vanzelfsprekend geweest
Gesprekken tussen lokale politici en lokale en Vlaamse ‘kenners’ van de sector en van de kunsten zijn een constante in Vlaanderen. Samenwerking tussen kunstinstellingen is nooit vanzelfsprekend geweest. Het KMSKA heeft een zeer goede collectie Ensors, maar Oostende vindt dat Ensor als Oostendenaar in MuZee zeer aanwezig moet zijn. Dominique Savelkoul realiseerde de verregaande samenwerking tussen het Permekemuseum in Jabbeke en de verzameling Peire in Knokke. Een slimme samenwerking tussen de Permeke- en Peireverzameling is niet bedreigd en MuZee groeit.
Andere tijden
Een gepolitiseerde museumpolitiek leidt niet tot een beter of interessanter museumlandschap. Ik vrees dat verschillende musea slecht werden geleid en bestuurd. Bart De Baere en Philippe Van Cauteren hebben kwaliteiten. Ze hadden dezelfde mentor. Jan Hoet toonde hen hoe een museumdirecteur voor zijn zaak moet vechten.
Het waren andere tijden. Jan Hoet en Flor Bex toonden beiden hoe je met verlicht despotisme een museum een eigen identiteit, een smoel geeft. Ze maakten fouten, maar zorgden er ook voor dat hedendaagse kunst van wereldformaat in Vlaanderen gemaakt en getoond werd. Jan Hoet bracht Beuys naar België, ontdekte Tuymans, Abramović en Fabre. Flor Bex zorgde dat het ICC een rol kon spelen en dat Gordon Matta-Clark zijn beste werk in situ kon realiseren. Annie De Decker bouwde Wide White Space uit, een galerie van wereldformaat die Panamarenko en Broodthaers toonde in de schaduw van het huidige KMSKA.
Jan Hoet en Flor Bex toonden beiden hoe je met verlicht despotisme een museum een eigen identiteit, een smoel geeft
Sinds Vlaanderen investeerde in Muhka in Antwerpen en Smak in Gent, daagden er ook bestuurders op die niet altijd gekozen werden voor hun ‘artistieke of museale’ competenties. Met Hoet en Bex hielden die bestuurders zich relatief stil, maar toen de volgende generatie ‘managers’ verscheen, was dit anders. Zeer veel middelmatigheid werd opgemerkt in onze musea, maar de slechte rapporten van de directeurs hadden geen gevolgen.
Belangrijk om een museum voor hedendaagse kunst te laten slagen is een excellente directeur die veel talenten combineert, een bestuur dat haar directeur vertrouwt, ruimte geeft en steunt, en een begroting die de droom of het plan van de directeur en zijn team mogelijk maakt.
De Gennez-verdeling van de taken is een optie die kan slagen in Gent en Oostende. De plannen voor Antwerpen zijn vager en vragen ook een intelligente diplomaat aan het hoofd; de toekomstige directeur/directrice moet een toptalent zijn die ervoor zorgt dat Antwerpen zijn Hamburger Bahnhof (Berlijn), Palais de Tokyo (Parijs) of Leopold Museum (Wenen) krijgt — geen plek voor entertainment met hedendaagse kunst, maar een laboratorium waar kunstenaars hun experimenten kunnen maken en tonen. Een plaats waar kunstenaars au sérieux worden genomen. Tuymans sprak bij de opening van het KMSKA van ‘een Plopsaland met kunst’.
Hedendaagse kunst is ook een hobby geworden voor niet-kansarmen. Laat het nieuwe Muhka ook de ambitie hebben om een plaats te worden waar avontuur mogelijk is. Een te intense of intieme samenwerking met galerieën leidt ook tot ongezonde situaties.
Marktaandeel vergroten
Fernand Huts is een succesvolle Antwerpse ondernemer. Hij is zeer ambitieus en wil van de Boerentoren een belangrijk museum maken. Hij heeft de middelen om zijn droom te realiseren en hij laat zich adviseren door wijze mensen. In Californië was er ooit Getty, die besloot om het beste museum voor fotografie te worden. Om dat te realiseren kocht hij geen foto’s, maar bestaande collecties. Deze denkpiste is geleend uit de economie: om het marktaandeel te vergroten moet je op een bepaald ogenblik concurrenten overnemen. Dat gaat sneller dan vlijtig verzamelen.
Laten we beeldende kunstenaars met een complementair museaal beleid steunen en musea streng maar rechtvaardig besturen
De Boerentoren is een iconisch gebouw dat mogelijkheden biedt. Het Huts-plan kan in dat gebouw gerealiseerd worden. Dit plan is haalbaar omdat Huts ook over de middelen beschikt om zijn droom waar te maken. Dat het arme Brussel denkt dat ze de mosterd voor hedendaagse kunst in Parijs moeten halen, is een heel dure vergissing. In België hebben wij waarschijnlijk meer kennis en traditie in de omgang met avant-garde.
Onze politici, die een klimaat voor kunsten moeten steunen, moeten zich ook afvragen: voor welke kunsten? Ook hier moet gekozen worden. Net als in sport kan je niet in alle disciplines uitzonderlijk goed zijn.
Twintig jaar geleden hadden we niet durven dromen dat Opera Ballet Vlaanderen dit excellente niveau zou halen. Na Béjart en Mudra kwamen De Keersmaeker, Vandekeybus en Martens. Laat de minister inzetten op domeinen waarin we sterk zijn. Met film, dans en opera zijn we bij de besten. Beeldende kunstenaars moeten worden gesteund.
Laten we beeldende kunstenaars met een complementair museaal beleid (toonbeleid) steunen. Laten we musea streng maar rechtvaardig leiden en besturen. Regeringscommissarissen die aandachtig zijn, zijn ook een waardevol instrument dat de minister helpt om tijdig in te grijpen.