Tien jaar geleden begon Seppe als kind te programmeren, omdat dat de vaardigheid van de toekomst was. Wie zich inspant en iets nuttigs leert, zou veilig zijn en meetellen. Dat was de belofte. Vandaag schrijft AI steeds meer code en verdwijnen veel instapjobs voor programmeurs.
Elke contractbreuk dwingt je je kaart van de wereld te hertekenen: hoe werkt de wereld nu, en welke weg neem ik daarin?
Seppe deed wat van hem verwacht werd, en toch bleef de beloofde uitkomst uit. Nu wordt van hem verwacht dat hij zich aanpast. Maar als tien jaar inspanning hem niet veilig hield, waarom zou een nieuwe opleiding dat wel doen?
Een diploma dat een leven lang volstaat. Een job tot aan je pensioen. Seizoenen die voorspelbaar zijn. Een huwelijk, vriendschap of familieband voor het leven. Spaargeld dat zijn waarde houdt. Een kunstwerk dat door een mens werd gemaakt. Een democratie waarin je mee beslist over de toekomst. Veel mensen zien zulke zekerheden al verdwijnen, en moeten telkens hun beeld van de wereld bijstellen.
Het stille contract
We leven vanuit een stil contract met de wereld: het geheel van verwachtingen waarop we denken te kunnen rekenen. Als ik hard werk en bijleer in een gevraagde sector, ben ik veilig. Bij mijn ouders ben ik geliefd en beschermd. Als ik goed voor mijn partner zorg, zal zij blijven.
Dat contract zegt ook waar we bij horen en waarom we ertoe doen. Wie zijn job verliest, verliest naast zijn loon ook zijn dagritme en het gevoel ergens bij te horen.
Het waren natuurlijk nooit zekere beloften. Maar ze boden wel genoeg houvast om er een leven op te bouwen. Vandaag worden werk, relaties en instituties tezamen en gelijktijdig minder voorspelbaar. AI zet de belofte van bijleren verder onder druk. Als een nieuw aangeleerde vaardigheid snel kan verouderen, wordt aanpassen een opdracht zonder eindpunt.
In de loop van een leven breekt ons stille contract meer dan eens. Elke contractbreuk dwingt je je kaart van de wereld te hertekenen: hoe werkt de wereld nu, en welke weg neem ik daarin?
Maar wie opnieuw richting zoekt, moet eerst loslaten wat het oude contract beloofde. Dat loslaten vraagt rouw. En dat rouwen doen we vaak niet. Soms beseffen we niet eens dat we met rouw zitten.
Zonder breukmoment
Bij een sterfgeval of een echtscheiding is er een moment waarop het verlies begint. Bij diffuse veranderingen is dat er niet. Voor Seppe sloot geen fabriek. Er was geen dag waarop programmeren officieel geen veilige keuze meer was. De vacatures werden schaarser, de eisen hoger en starters vonden moeilijker een eerste job.
In Wat als de collaps niet komt? beschreef ik hoe een orde kan blijven voortkabbelen, terwijl steeds meer mensen haar instorting afzonderlijk dragen. Trage verschuivingen geven zelden het alarmsignaal van een plotse breuk. Iedere nieuwe toestand wordt ongemerkt het nieuwe normaal. Zo kan een hele manier van leven verdwijnen zonder dat er afscheid van genomen wordt.
Verlies zonder naam
Neem de leerkracht die na vijftien jaar uit het onderwijs stapt, alleen, vaak na een burn-out of na lange twijfel. Haar job bestaat nog, de school draait door. Zij verliest haar plaats als lerares: voor die kinderen, voor hun ouders, voor de buurt die haar zo kende. Die rol was een deel van wie ze was.
Rouwexpert Kenneth Doka introduceerde het begrip disenfranchised grief: verlies dat maatschappelijk niet wordt erkend en waarover je nauwelijks mag rouwen
De Amerikaanse rouwexpert Kenneth Doka noemde zo’n verlies disenfranchised grief: verlies dat maatschappelijk niet wordt erkend en waarover je daardoor nauwelijks mag rouwen. Hetzelfde geldt voor veel familiebreuken. De omgeving ziet het verlies vaak niet of weet niet hoe zwaar het weegt.
In beleidsteksten heet het vertrek van de leerkracht “uitstroom”. In de lerarenkamer zegt men al snel dat ze het niet aankon. Zo wordt het verlies een cijfer of een persoonlijk falen. De oude kaart wordt overschreven, niet begraven.
Ieder zijn eigen houvast
Theoloog Ignace Demaerel wijst erop dat het morele liberalisme mensen vrijheid gaf, en daarmee een zware opdracht. Ieder moet nu zelf zijn levensbeschouwing en zijn moreel kader samenstellen. Demaerel spreekt van cafetariareligie: je neemt wat je aanspreekt, en jij bent de maatstaf.
Die oude kaders waren soms knellend. Ze legden mensen rollen en overtuigingen op waarin ze niet altijd pasten. Maar ze boden wel een gedeelde richting en betekenis, zonder iedere stap te bepalen. Ze bleven overeind als je eigen leven vastliep en brachten mensen samen die mee geloofden, twijfelden en rouwden.
Wie zijn levensbeschouwing zelf samenstelt, kan een gedeeld kader missen wanneer een vertrouwde zekerheid wegvalt. En als ieder zijn kaart op zijn eigen manier hertekent, verdwijnt bij velen ook het vertrouwen dat samen richting zoeken nog mogelijk is.
Hoeveel hertekeningen kan een mens aan?
Veranderingen in werk, relaties en instituties treffen veel mensen tegelijk, maar hun gevolgen moeten zij afzonderlijk verwerken. Wat vroeger samen werd gedragen, bespreek je nu alleen, bij een psycholoog of coach. Dat kan helpen, maar de opdracht blijft individueel: herteken je kaart, en hop met de geit. Ook die nieuwe kaart is voorlopig.
Wat vroeger samen werd gedragen, bespreek je nu alleen, bij een psycholoog of coach
De bedrijfswereld spreekt over een VUCA- of BANI-wereld: volatiel en onzeker, broos en onbegrijpelijk (volatility, uncertainty, complexity and ambiguity). De ‘A’ in BANI benoemt zelfs de angst die dat oproept. Toch volgt in de praktijk hetzelfde individuele advies: wees wendbaar en werk aan je veerkracht.
Wie niet snel genoeg omschakelt, krijgt het gevoel dat hij tekortschiet. De Amerikaanse futurist Ulcca Joshi Hansen draait dat oordeel om: “You're not failing to adapt. You're grieving.”
Geen nieuwe kaart die de oude onmiddellijk moet vervangen, maar erkenning van wat verloren ging. Zonder die erkenning wordt aanpassen gedwongen optimisme.
Niet-erkend verlies verdwijnt niet zomaar. Het kan blijven hangen als uitputting of depressie, of een uitweg zoeken in heimwee, woede of controledrang.
Welke verliezen worden erkend en wie zich moet aanpassen, is niet neutraal. De keuzes en machtsverhoudingen die onze wereld mee vormgeven, bepalen ook wie de gevolgen draagt. Rouw wordt zo ook een politieke vraag.
Wat de mijnen wel hadden
De sluiting van de Limburgse steenkoolmijnen, van de onrust rond Zwartberg in 1966 tot de laatste mijn in 1992, kostte duizenden mensen hun werk en hun toekomst. Er volgde langdurige werkloosheid, en veel mensen zijn er nooit helemaal van hersteld.
De mijn sloot op een datum. Cités, vakbond en parochie droegen het verlies samen. Er bleef ook herinnering: schachtbokken die bleven staan, mijnsites die een nieuwe bestemming kregen, zoals C-mine in Genk.
Voor Seppe en de leerkracht is er geen breukmoment, geen naam voor het verlies en geen gedeeld kader dat het mee draagt.
Leren staan
We hoeven het oude contract niet te herstellen. Misschien beloofde het altijd al meer dan het kon waarmaken, of past het niet meer bij deze tijd. Dat het stille contract afbrokkelt, kan ook een moment zijn om je identiteit en waarde niet langer volledig te laten afhangen van de beloften van de bestaande wereld. We moeten leren staan wanneer oude beloften wegvallen, zonder ons meteen aan de volgende vast te klampen.
We hoeven het oude contract niet te herstellen. Misschien beloofde het altijd al meer dan het kon waarmaken, of past het niet meer bij deze tijd
Daarvoor zijn naast rouw ook moed, ruggengraat, verbondenheid, innerlijke veiligheid en richting nodig. Een deel van dat werk moet je alleen doen: je aandacht terugvinden en verdragen dat er nog geen nieuwe kaart is. Voor een ander deel heb je anderen nodig: mensen die zich ook losmaken van de logica van de oude wereld, en met wie een andere manier van leven mogelijk wordt.
Deze wereld doet ertoe, maar haar beloften mogen niet het laatste woord hebben over wie we zijn. We hoeven ons niet eindeloos aan te passen aan een VUCA- of BANI-wereld.