Onderzoekers naar menselijk gedrag als Kahneman en Tversky, Ariely, Thaler en Fehr hebben in de laatste decennia talrijke aspecten van het irrationele in menselijk gedrag in kaart gebracht. Maar niettemin blijven sommige gedragsfenomenen waarnemers intrigeren, in het bijzonder wanneer mensen een niet onaanzienlijk offer brengen, zonder dat daar een manifest voordeel mee gepaard gaat.
Verkiezingen zijn hiervan een mooi voorbeeld. In een column in de Tijd stelt Andreas Tirez dat het voor een individuele kiezer “duidelijk (is): stemmen heeft geen zin”. Hij schrijft de politieke onwetendheid van de typische burger toe aan het feit dat de kiezer dit zelf best wel beseft: als je stem geen verschil maakt, waarom zou je dan de moeite doen om je te informeren? Geen moeite doen is dan immers rationeel (hij verwijst naar rationele onwetendheid.)
Maar wat drijft kiezers ertoe desondanks wél de moeite te doen om te stemmen? In landen als België en Australië is stemmen verplicht, dus dat maakt alvast een verschil. Vox wijdde onlangs een artikel aan de vraag hoe een stemplicht in de VS de uitslag zou beïnvloeden. Het mag niet verbazen dat de opkomst in Australië na de invoering van de stemplicht (bijna 95%) hoger lag dan ervoor (net geen 65%). De vraag is echter: wat dreef die 65% vrijwillige kiezers ertoe rationeel onwetend te blijven en tegelijk irrationeel te gaan stemmen?
Misschien een nog meer veelzeggend voorbeeld is dat van giften aan een goed doel. Afgelopen vrijdag vond in het Verenigd Koninkrijk het jaarlijkse BBC-evenement Children in Need plaats – een groots opgezette actie ten voordele van liefdadigheidsinstellingen die werken met kinderen. Tot het begin van de 21ste eeuw bleef het opgehaalde totaalbedrag jarenlang rond de £12 miljoen (€15 miljoen) schommelen , maar sedertdien is de hoeveelheid ingezameld geld elk jaar – met een minuscule dip in de diepten van de financiële crisis – elk jaar gaan toenemen tot een recordbedrag van £32 miljoen (bijna €40 miljoen) afgelopen vrijdag. Het verschil dat een individuele gift van enkele luttele ponden maakt is verwaarloosbaar.
De inwoners van de Angelsaksische landen zijn leiders in de World Giving Index (ook Nederland figureert in de top-10; België komt op de 57ste plaats), die drie vormen van vrijgevigheid evalueert: het helpen van een vreemde, het maken van financiële giften, en het opgeven van tijd voor vrijwiligerswerk. Dit suggereert dat er wellicht een cultureel element in het spel is. Het VK telt ruim 160.000 charities (“goede doelen”) die jaarlijks meer dan £60 miljard (€75 miljard) inzamelen – er zit bij de Britten dus blijkbaar wel iets in de psyche.
Daartussen zitten weliswaar wat merkwaardige organisaties – zo zijn er minstens tien die zich bekommeren om het lot van de rode eekhoorn. Maar wat ze gemeenschappelijk hebben, is dat hun donateurs geen direct materieel voordeel hebben bij hun offer.
Doing the right thing
Net zoals een individuele stem nauwelijks wat uitmaakt, zo is een gift van enkele ponden evenzeer een druppel op een hete plaat. En toch hebben miljoenen mensen afgelopen vrijdag SMS’en verstuurd of hun kredietkaart bovengehaald om elk hun emmertje water naar de zee te dragen. Bewustmaking speelt zeker een rol: zonder de media heisa rond verkiezingen zou het aantal kiezers wellicht een stuk lager liggen. De wervelende show, waarin naast optredens van bekendheden (de acteurs uit shows als Eastenders en Doctor Who, en het populaire beatcombo One Direction), ook – soms hartverscheurende – reportages rond de kinderen die het afgelopen jaar werden geholpen dankzij de steun van Children in Need, was ongetwijfeld ook een factor in de vrijgevigheid.
Een clipje kan echter enkel hartverscheurend zijn bij wie een hart heeft dat kan verscheurd worden. Naast onze rationele, nutsmaximaliserende kant beschikt onze soort ook over een vermogen om datgene te doen wat juist is – to do the right thing. Dit wordt weliswaar voor een deel bepaald door wat we rondom ons zien: onze opvoeding, sociale en culturele normen, dat soort dingen, maar deze invloeden beroeren dat diepe gevoel voor wat goed is. Het is precies dank zij dat vermogen dat we wel eens irrationele dingen doen, dingen die niet direct ons nut maximaliseren, maar die we – uiteindelijk – wel belangrijk vinden.
Gelukkig maar.