Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

De hete herfst als pseudoconflict?

door Arne Defauw
Arne Defauw
Arne Defauw
Arne Defauw
Arne Defauw

Een boze vrouw moet twee kilometer wandelen: haar auto mocht niet mee langs de rood-groen-blauw omsingelde olievaten. "Hey, dag collega", lacht ze enkele meters verder naar een andere "werkwillige", blij met het vinden van een loopmaatje. Een vrouw, lid van de Franstalige socialistische vakbond FGTB, haalt de winkelrekken leeg. "Als je niet sluit, gaan we gewoon door", roept ze naar de eigenaar van een kledingzaak. Helikopters ingezet om over de piketten te vliegen. Boten die mensen van de BBQ aan de ene kant van het piket naar deze aan de andere kant brengt. Huilende zelfstandigen in het Woluwe Shopping Center. Veel mensen kennen Jan Jambon – en gaan daar prat op. Anekdotes, fait divers, talking heads die veel clicks genereren op nieuwssites, sociale media. Geliked en geshared. Een eindeloze stroom aan reacties of tegenreacties, elk een even lange stroom van zinnen met tien uitroeptekens op het eind veroorzakend.

Was dit nu 15 december? De hete herfst? Het sociaal verzet? Geduw en getrek aan de piketten, gescheld op Facebook. Conflicten tussen stakers, of deze die de staking steunen, en overtuigde niet-stakers?

Nee. Dit is niet het echte conflict, maar een pseudoconflict. En die laatste zin zo wat the upshot van dit opiniestuk.

Het is een pseudoconflict gecreëerd, en aangewakkerd door een heel specifiek discours: een discours dat bepaalde (bevolkings-)groepen aanwijst als oorzaak voor de 'problemen' in de samenleving, en er zo in slaagt, het sociaal verzet te reframen, zodat het onschadelijk wordt gemaakt. Het is het dominante discours van rechtse populisten, en in het bijzonder van de N-VA. De voorbeelden zijn legio. Bart De Wever die roept dat de FGTB de gewapende tak is van de PS. De voorzitter van Jong-N-VA die in een opiniestuk de vakbond van dictatoriale trekjes beschuldigt, en naar hen verwijst met het woord 'vuilzakken' (sic). Een opiniestuk dat rijkelijk werd geliked en geshared op sociale media, en een dag lang het meest gelezen artikel was op de website van De Morgen. Of Theo Francken, die mooi wordt ingedekt door de partijtop voor zijn racistische uitspraken. Gisteren alle criminele illegalen op een vliegtuig, morgen een boete voor sociale huurders die geen Nederlands leren, ... De reden waarom het 'fout' loopt in de samenleving lijkt voor N-VA en populistisch rechts relatief eenvoudig: de ene dag is het de schuld van de vakbonden, de andere dag van de socialisten, de Walen, sans-papiers, allochtonen, de werklozen, het profitariaat, ...

De N-VA werpt zich zo op als de vertegenwoordiger van Allen. Waarbij Allen synoniem is voor de (hardwerkende) Vlaming, of de Vlaamse 'volksgemeenschap', de economisch rendabele groep. Ze is m.a.w. steeds klaar om een andere groep aan te vallen, en zo binnen het kamp van de economisch of maatschappelijk niet rendabelen onder te brengen. Of nog, ze projecteert het conflict, in dit geval het sociaal protest, op een groep, die zij beschouwen als het asociale element van de samenleving: de reden waarom er conflict en onvrede is. Op die manier creëert ze een antagonisme, splijt ze de bevolking in twee delen: je bent deel van de oplossing, of deel van het probleem. Combineer dit met mainstream media kanalen die mikken op een zo hoog mogelijk aantal bezoekers, likes, shares, clicks, ... er dus op belust om elk kleine opstootje uit te vergroten, en je krijgt het perfecte scenario voor Bart De Wever. Die moest tijdens de hete herfst slechts lui achteroverleunen en zijn groot gelijk bevestigd zien worden. Zie je wel dat het land onregeerbaar is als de vakbonden zoveel macht hebben, als de FGTB de boel opnaait. Nee, met 'vuilzakken' valt niet te praten.

Filosoof Slavoj Žižek, zich baserend op het werk van de psychoanalyticus Jacques Lacan, noemt dit 'asociale' element het exces, of het object 'a'. Deze 'a' vormt, aldus Žižek, de kern, het nulpunt, van elke rechts-populistische ideologie. Een kern die erop gericht is een samenleving te construeren waarbij de 'a' verwijdert wordt uit de maatschappij, of op zijn minst geen noemenswaardige macht heeft. In het geval van de N-VA betekent dit een onafhankelijk Vlaanderen; het verzwakken van de macht van de vakbonden door, bijvoorbeeld, het stakingsrecht in te perken; het voeren van een hardvochtig migratiebeleid, waarbij enkel deze personen worden toegelaten die zich schikken naar de 'Vlaamse cultuur' – de Leitkultur.

Dus welk conflict maskeert dit pseudoconflict (het pseudoconflict dat zich richt op het 'asociale' element)? Dat is net het conflict dat het sociaal protest wil aangaan. Dus het conflict tussen, enerzijds, de regering die zijn zogenaamde democratische legitimiteit (ge/mis)bruikt om zijn regeringsmaatregelen op te leggen aan de bevolking, de rechterzijde van werkgeversorganisaties zoals Voka, VBO en UNIZO die veelal fungeren als de spreekbuis van het (groot)kapitaal, en anderzijds de werknemers, zelfstandigen en ondernemers die de regeringsmaatregelen terecht percipiëren als asociaal. Of om het in de terminologie te verwoorden van Žižek: we kunnen de relatie tussen het conflict en het pseudoconflict voorstellen met behulp van de formule 1+1+a, waarbij de sociale tegenstelling (1+1), door rechts-populistische partijen als de N-VA gemystificeerd wordt door zijn exces ('a': de vakbonden, sans-papiers, moslim-extremisten, werklozen, ...). Gebruiken we dit abstracte schema, dan zien we dat het succes van het sociaal protest zal bepaald worden door de mate waarin het erin slaagt om het pseudoconflict te reframen naar een authentieke sociale tegenstelling. De mate waarin ze dus de polarisatie binnen de bevolking, aangewakkerd door rechtse populisten, kan herleiden naar een polarisatie die loopt langsheen het sociale antagonisme. Of nog: in hoeverre ze er in zal slagen de bevolking te verenigen achter de belangrijkste eisen van het sociaal verzet.

De tekenen voor de protestbeweging zijn gunstig. Nemen we bijvoorbeeld een van hun krachtigste eisen: de vermogensbelasting. Uit een recente enquête bleek dat zo'n 85 procent van de Belgen te vinden is voor zo'n belasting. Ook wordt de protestbeweging hierbij gesteund door, bijvoorbeeld, econoom Thomas Piketty, die pleit voor de invoering van een (internationale) progressief stijgende belasting op vermogen, ten einde de groeiende ongelijkheid tegen te gaan. Zelfs Paul De Grauwe – vroeger een vurige verdediger van het neoliberalisme - pleit voor de invoering van een vermogensbelasting.

Ook rond de eis voor het behoud van de wettelijke pensioenleeftijd en uitstapregeling, lijkt het sociaal protest gesteund door de meerderheid van de bevolking: slechts 1 op 20 vindt het haalbaar om te werken tot 67, zo bleek uit recent onderzoek.

Als we dit aanvullen met de unieke samenwerking tussen vakbonden en een burgerinitiatief zoals 'Hart boven Hard' dat studenten, gepensioneerden, sociale en culturele organisaties verenigt, dan lijkt het er op of het sociaal verzet zelden sterker heeft gestaan.

Maar er zijn ook vele obstakels, die het moeilijk zullen maken om een zekere grondstroom los te weken van het dominante discours van populistisch rechts. Deze kunnen mogelijk verklaren waarom er zo'n grote discrepantie is tussen de resultaten van de in de vorige paragraaf vermelde enquêtes en de verdeelde reacties op het sociaal protest.

Een van deze obstakels is de groei van de zogenaamde 'kenniseconomie' sinds de jaren '70: wetenschappers, medewerkers uit de cultuur- en entertainmentindustrie, reclamemakers, ... Zij moeten, in tegenstelling tot de fabrieksarbeiders, hun gevoelens, ideeën en identiteit in hun werk steken, leidend tot een vervaging van de grenzen tussen de productiesfeer, cultuur en privéleven. Deze vervaging verklaart mogelijk de hysterische reacties aan de piketten, want een stakingspiket kan voor deze kenniswerkers makkelijk opgevat worden als een persoonlijke aanval op hun identiteit, een belemmering van hun creatieve ontwikkeling. Deze vervaging maakt het dus makkelijk voor populistisch rechts om een indringer van buitenaf aan te wijzen die de reden is voor sociale onrust, onvrede, een algemeen gevoel van onbehagen en angst, die een Business as usual scenario bedreigt.

Een volgend obstakel is het aura van democratische legitimiteit dat de regering, met N-VA op kop, zichzelf aanmeet. Het wordt gekenmerkt door een absoluut geloof in het democratisch spel, de parlementaire democratie in het bijzonder. Een reductie van de term democratie tot het verkiezen van een parlement om de vijf jaar. Via deze reductie, doet ze elk protest, elke tegenkanting af als niet-democratisch. Denk hierbij aan de beschuldigingen aan het adres van de vakbonden voor het gebruiken van zogezegd niet-democratische methodes (staken; mensen het onbestaande recht op werk afnemen ...).

Verder neemt een groot deel van de bevolking een ironische, zelfs cynische houding aan ten opzichte van 'de politiek'. Een houding tekenend voor onze 'post-Fukuyama' samenleving zonder Grote Verhalen. Dit verklaart reacties als 'staken lost niets op', of 'denk je echt dat we zo iets kunnen veranderen': een algemeen gevoel van desinteresse, neigend naar (politiek) nihilisme. Een nihilisme, deels veroorzaakt door de hierboven aangehaalde reductie van democratie tot het om de vijf jaar inkleuren van een stemformulier. Tussen de lijnen door, geeft de regering zo het signaal aan de bevolking dat ze uiteindelijk kan doen met hen wat ze wil.

Ook de mainstream media speelt een grote rol. Deze richt zich voornamelijk op sensatiejournalistiek en de 'waan van de dag', om zo hun adverteerders te plezieren met clicks en likes. Hierdoor wordt elk klein conflict uitvergroot, en het sociaal protest gereframed, zodat het past binnen het discours van populistisch rechts – denk maar aan de voorbeelden uit de eerste paragraaf, of de absurde focus op de tiental relschoppers tijdens de betoging van 6 november, in plaats van op de 120 000 vreedzame betogers.

Het wordt sowieso een lange winter voor het sociaal protest. Er liggen veel mogelijkheden, en evenveel obstakels. Maar het is duidelijk: hun eenheid betekent al hun overwinning.

LEES OOK
Steven Vanden Bussche 09-10-2026

Orde van Architecten hervormt tuchtprocedure

Apache was aanwezig bij een rondetafelgesprek met leden van de Orde en uit de sector.
architecten
Stan De Spiegelaere 08-10-2026

De Europese Commissie organiseert met nieuwe bedrijfsvorm EU Inc de uitverkoop van de eeuw

Europese vakbonden trokken al vroeg aan de alarmbel.
Ursula von der Leyen in het spreekgestoelte van het Europees Parlement.
Karl van den Broeck 08-10-2026

Kernenergie de toekomst? De reactoren zijn duur, onveilig en niet aangepast aan hitte

Kernenergie wordt steeds minder aantrekkelijk binnen de energiemix.
Een fiets weg op een heuvel kronkelt naar gebouwen van een kerncentrale in Doel.