Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Misvattingen rond ‘moral hazard’

door Koen Smets
Koen Smets
Koen Smets
Koen Smets
Koen Smets

Vandaar dat het opiniestuk in De Tijd van 2 juli, waarin Andreas Tirez pleit voor solidariteit en geduld voor de Grieken vanwege de andere landen in de eurozone niet minder relevant is nu, na het referendum, dan vorige week. Hij vat daarin wat voorafging kort en goed samen: de dysfunctie van het Griekse systeem met zijn vriendjespolitiek en cliëntelisme, en de onverzettelijke houding van de schuldeisers in de zogenaamde trojka (het Internationaal Muntfonds, de Europese Centrale Bank en de Europese Unie).

Zijn argument voor een mildere aanpak vanwege de schuldeisers is helder en simpel: de ellende die het Griekse volk de laatste vijf jaren heeft moeten verduren, betekent dat het probleem van moral hazard niet meer relevant is, en als moral hazard geen probleem meer is, staat er niets in de weg om solidair te zijn met de Grieken.

Wat is dat begrip moral hazard (Wikipedia spreekt in het Nederlands van moreel risico, moreel wangedrag en moreel gevaar) eigenlijk? In de financiële sector beschrijft de term het risico dat één van de partijen in bijvoorbeeld een verzekeringscontract (typisch de verzekerde) informatie achterhoudt, of er baat bij heeft zich op een riskante manier te gedragen, omdat de downside wordt gedragen door de andere partij (typisch de verzekeraar). In principe houdt elke verzekeringspolis zulk moreel gevaar in: wie zich gedekt weet door zijn omnium autoverzekering zal minder voorzichtig rijden dan wie zelf voor toegebrachte schade moet instaan.

moralhazard

Maar het concept is ook buiten deze engere context gangbaar: het verwijst dan naar de situatie waarin iemand zich onverantwoordelijk gedraagt wanneer – of precies omdat – de negatieve consequenties van dat gedrag door een andere partij wordt gedragen (Investopedia heeft een leuk filmpje dat dit illustreert). Sedert de financiële crisis van 2007-2008 is wel vaker gezegd dat de banksector met een inherente moral hazard zit: de gevolgen van hun fouten worden door de overheid goed gemaakt, omdat het alternatief, het instorten van de banken die instaan voor het financiële verkeer en het spaarwezen, ondenkbaar is.

Het is belangrijk moral hazard te vermijden wanneer men zijn broek niet wil scheuren. In de meeste westerse landen bestaat er een wettelijk kader waarin natuurlijke en rechtspersonen in principe aansprakelijk zijn voor hun daden. Dus zowel individuen zoals u en ik, als bedrijven zoals Sandoz en BP, kunnen worden afgerekend op de consequenties van onze daden, wanneer die schade toebrengen aan anderen. Het systeem is niet perfect, maar het werkt behoorlijk. Niet alleen zag bijvoorbeeld BP zijn beurskoers kelderen na de Deepwater Horizon ramp, maar de firma zal ook ruim 50 miljard dollar in compensatie en milieuverrekeningen moeten ophoesten.

Geen kwestie van boete doen

Moral hazard draait echter om het dragen van de gevolgen en heeft niets te maken met boete doen voor een misdaad.  Nochtans is dit een idee dat geregeld opduikt – tot in het stuk van Andreas toe – in verband met Griekenland: de Grieken moesten boeten voor de al te kwistige manier waarop ze waren omgesprongen met goedkoop geleend geld, en voor het vervalsen van hun cijfers bij de toetreding tot de eurozone. Moral hazard is niet wanneer je geen boete of gevangenisstraf zou krijgen wanneer je tegen de auto van je buurvrouw rijdt; er is moral hazard wanneer je niet verantwoordelijk zou zijn voor de schade die er het gevolg van is.

In de Angelsaksische wereld wordt dit schuld-en-dus-boete perspectief soms toegeschreven aan het feit dat in Germaanse talen het woord voor financiële schuld (debt in het Engels) hetzelfde is als het woord voor morele schuld (guilt). Een interessante stelling, met wellicht minstens een vleugje waarheid.

Van gevolgen naar gedragsverandering

Is, zoals Andreas beweert, de moral hazard van de baan bij de Grieken? Dat is lang niet zo zeker. Hij gaat ervan uit dat de economische miserie in Griekenland de burger intussen wel op andere gedachten zal hebben gebracht, en tot een gedragsverandering zal hebben geleid. Helaas verandert gedrag niet zo gemakkelijk, ook niet ten gevolge van negatieve consequenties. De wat oudere lezer herinnert zich wellicht het lied waarin Raymond van het Groenewoud het gevoel van een fikse kater beschrijft, en de voornemens die daar zo vaak mee gepaard gaan. Ondanks de ellende de ochtend na een slemppartij voegen weinigen echter de daad bij het woord, en bij de volgende gelegenheid wordt toch weer flink gedronken. Ook het penale systeem, dat geldboetes en opsluiting oplegt aan wie misdaden begaat, is geen goed voorbeeld van hoe onprettige ervaringen tot een gedragsverandering zou leiden: in het VK plegen ruim een kwart van de misdadigers nieuwe feiten (voor jongeren zelfs een derde).

nooitmeerdrinken
“De hersencellen gaan kapot...je zuivere adem gans verrot” – en toch geen gedragsverandering

Maar goed, laten we even aannemen dat het toch mogelijk is dat men, geconfronteerd met de nadelige gevolgen van zijn daden, tot inkeer komt. De vraag is dan: wiens gedrag was werkelijk verantwoordelijk voor de dysfunctionele Griekse staat en de precaire situatie waarin het land zich nu bevindt? Was het dat van de Griekse burgers, die probeerden een graantje mee te pikken door belastingfraude, of aan de hand van een goedbetaalde baan in overheidsdienst, met een supervroeg en royaal pensioen? Of was het dat van de Griekse machthebbers – in de politiek en in de zakenwereld – die corruptie en vriendjespolitiek structureel verankerd hebben, en via cliëntelisme de burger quasi-permanent aan zich wisten te binden?  Of misschien het gedrag van de eurocraten, die dit gedrag jarenlang oogluikend toelieten, ook al was men al van in 2001 op de hoogte dat Griekenland tot de euro was toegetreden steunend op vervalste cijfers, zoals Didier Reynders in 2011 verklaarde, en van de Europese financiële instellingen die vrolijk bleven doorlenen aan Griekenland ondanks het feit dat het, ook in de goede jaren, deficit aan deficit bleef rijgen?

GR-deficit
Het kon niet op, tot het op was

De verantwoordelijken buiten schot

Ivan Van de Cloot legt in een recente blogpost de vinger op de zere plek: het is het roekeloze gedrag van de Griekse potentaten, de Europese functionarissen, en de financiële instellingen dat heeft geleid tot de tragische situatie van vandaag. Steve Randy Waldman wijst er in zijn Interfluidity blog, wat geagiteerd maar haarscherp, op dat “de verantwoordelijkheid voor en de gevolgen van roekeloze kredietverstrekking bij de crediteuren ligt, niet bij de schuldenaren”. Maar helaas zijn het niet die groepen die het meest hebben geleden onder de economische  depressie waarin het land zich nu al ruim een half decennium bevindt.

De groepen die de grootste verantwoordelijkheid dragen, en wiens gedrag echt zou moeten veranderen, zijn buiten schot, terwijl de modale Griek het gelag betaalt. Ja maar, zeggen sommigen, de Griekse burger kan toch via het democratische proces een nieuwe, integere regering aan de macht brengen?

Dat roept toch wat twijfels op. Laten we even aannemen dat Syriza een voorbeeld is van hoe het wel zou moeten. Tijdens de verkiezingen van januari ging 36% van de stemmen naar deze partij. Er was een opkomst van ongeveer 65%, dus ze kregen de steun van een kwart van de Grieken – en dus niet van driekwart van de kiezers. De verklaring is niet zo ver te zoeken: zoals de meesten onder ons neigen ook de Grieken ernaar the devil you know te verkiezen, vooral als die devil traditioneel via vriendjespolitiek en cliëntelisme ervoor zorgde dat ook Stavros met de pet kon mee genieten, en klein en groot wangedrag een culturele norm is geworden.

En zelfs voor wie, hopend op een grote schoonmaak in de augiasstal, zijn stem aan Syriza gaf, is er slechts teleurstelling. Zoals blogger The Irate Greek schrijft: “Wat het voor mij extra bitter maakt is dat ik voor SYRIZA stemde omdat ik geloofde dat zij een functionerende democratie zouden herstellen. Maar ik had het duidelijk mis.” En ook dat hoeft niet te verbazen: kijk maar hoe zelfs in België de N-VA zijn veto stelt tegen het voorstel de salariswagens af te schaffen. Partijen willen hun electoraat beschermen. Populisme zit dus onvermijdelijk, in meerdere of mindere mate, in het DNA van alle politieke partijen, omdat de kiezer, wanneer het erop aankomt, zijn eigen portemonnee boven nobele principes stelt.

Landen zijn niet als burgers of bedrijven

Natuurlijk speelt dat eigenbelang ook voor individuen en bedrijven. Maar wanneer daar wangedrag plaatsvindt, kan wie daarvan onterecht de gevolgen moet dragen beroep doen op een onafhankelijk juridisch systeem. De aandeelhouders en beleggers van Enron, Bernie Madoff, en dichter bij huis, de top van Lernout & Hauspie, konden de bestuurders ter verantwoording roepen, niet door ze op de algemene aandeelhoudersvergadering democratisch weg te stemmen, maar dankzij een robuust stelsel van wetten en handhaving. Wanneer de overheid zelf zich schuldig maakt aan wangedrag, en er diepe structurele belangenvermenging is, ontbreekt zo’n systeem, en heeft de burger enkel de stembus als instrument om in te grijpen. En wanneer diezelfde machthebbers aan de hand van diepgeworteld cliëntelisme steeds voldoende kiezers langszij houden, wordt dat instrument van de weinige tanden die het bezit beroofd.

Het is dus moeilijk te zien hoe er, zonder externe druk, fundamentele veranderingen in de Griekse machtsstructuren kunnen worden verwezenlijkt.  “Grieks cliëntelisme, en de zelfzucht van de rijken hebben alles overleefd wat de 20ste eeuw hen voorlegde – twee wereldoorlogen, bezetting, een burgeroorlog en een inheemse militaire dictatuur. Wees niet verbaasd als ze ook de trojka overleven nadat de jongste Griekse overheersers opstappen,” schreef Tony Barber eind-2014.

Er zijn vele goede redenen, zowel economische als humanitaire, om de Grieken de steun te verlenen die ze nodig hebben. Maar afwezigheid van moral hazard is er geen van – wel integendeel: de gelegenheid, en de incentive tot wangedrag bij de verantwoordelijken is nauwelijks minder dan tevoren. Enkel diepe, structurele hervormingen, en een erkenning van de verantwoordelijkheid  van de crediteuren in dit verhaal kunnen leiden tot een inperking van dat moreel gevaar – niet het lijden van de Griekse bevolking.

LEES OOK
Steven Vanden Bussche 09-10-2026

Orde van Architecten hervormt tuchtprocedure

Apache was aanwezig bij een rondetafelgesprek met leden van de Orde en uit de sector.
architecten
Stan De Spiegelaere 08-10-2026

De Europese Commissie organiseert met nieuwe bedrijfsvorm EU Inc de uitverkoop van de eeuw

Europese vakbonden trokken al vroeg aan de alarmbel.
Ursula von der Leyen in het spreekgestoelte van het Europees Parlement.
Karl van den Broeck 08-10-2026

Hoe N-VA en MR van de kernuitstap een electoraal wapen tegen de groenen maakten

De regering moet nu aantonen dat haar nucleaire beloften haalbaar zijn.
Tinne Van der Straeten