Dit is een gastbijdrage. Een Apache-lezer levert met dit stuk een bijdrage aan het maatschappelijk debat. De auteur schrijft in eigen naam en is verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.

Rolverdeeldheid

door Koen Smets
Poster van de film 'The Odyssey' van Christopher Nolan.
De Odyssee van Homerus is een tijdloos verhaal dat filmmakers tot op de dag van vandaag blijft inspireren.

De geschiktheid van een acteur beoordelen op conformiteit aan een geconstrueerd beeld ... is dat niet vreemd?

De Odyssee van Homerus is een tijdloos verhaal dat filmmakers tot op de dag van vandaag blijft inspireren. Het meest recente voorbeeld is Sir Christopher Nolan, wiens productie The Odyssey van 250 miljoen dollar later deze zomer in première gaat. De casting heeft heel wat ophef veroorzaakt: de rol van Helena van Troje wordt gespeeld door de zwarte Mexicaans-Keniaans-Amerikaanse actrice Lupita Nyong'o — een keuze die niet bij iedereen in goede aarde viel. Sir Christopher “is zijn integriteit kwijt”, tweette Elon Musk, als reactie op verontwaardigde posts die op ruime instemming konden rekenen. Volgens de critici hoort een vermeend blank personage gespeeld te worden door een blanke acteur of actrice. 

De geschiktheid van een acteur beoordelen, niet op basis van wat de rol werkelijk vereist, maar op conformiteit aan een geconstrueerd en weinig relevant beeld ... is dat niet vreemd?

Sir Christopher “is zijn integriteit kwijt”, tweette Elon Musk, als reactie op de keuze voor Lupita Nyong'o in de rol van Helena.
Wat is er mis met de bezetting van deze rol? (Beeld: X-pagina van Elon Musk)

Wie heeft er beelden nodig op de radio?

Naar het Verenigd Koninkrijk verhuizen, vele jaren geleden, deed mijn liefde voor hoorspelen opnieuw opflakkeren — een genre dat in België zo goed als verdwenen was. Een vroege klassieker was de dagelijkse soap The Archers. Ik kende de acteurs uiteraard alleen van hun stem, maar af en toe dook een van hen op in een tv-programma of zag ik een foto in het programmablad. Wat me telkens trof: ondanks het feit dat ik geen duidelijk beeld van de personages had, zagen ze er vaak heel anders uit dan ik me had voorgesteld. Ik had geen idee hoe lang het haar van Kenton Archer was of welke kleur het had — maar dat hij kaal bleek te zijn, was toch een verrassing.

Zelfs zonder enige visuele aanwijzing in het verhaal construeren de meeste mensen spontaan een mentaal beeld van objecten, plaatsen en personen. Die gaan dan voelen als een gerechtvaardigde verwachting, en wanneer het werkelijke uiterlijk daarvan afwijkt, wringt dat meteen. Maar hoe gerechtvaardigd is die verwachting eigenlijk? Soms zijn er fysieke vereisten die de authenticiteit van een rol ondersteunen: hobbits zijn kleine wezens, dus Arnold Schwarzenegger is vermoedelijk niet zo geschikt als Bilbo Baggins en Robert Redford zou weinig geloofwaardig zijn in de titelrol van een biopic over Malcolm X. Maar het valt moeilijk in te zien waarom het feit dat een personage niet beantwoordt aan een idiosyncratisch mentaal beeld — of zelfs aan een literaire beschrijving die er verder niet toe doet — een probleem zou moeten zijn.

Het valt moeilijk in te zien waarom een personage dat niet beantwoordt aan een idiosyncratisch mentaal beeld een probleem zou moeten zijn

Authenticiteit is echter geen eenduidig begrip. In Shakespeares tijd werden toneelstukken opgevoerd met een volledig mannelijk gezelschap, ongeacht de rollen. Betekent dit dat hedendaagse opvoeringen dat gebruik zouden moeten respecteren? Of net het omgekeerde? En wat te denken van de 'dame' in het Britse panto-genre, gespeeld door mannen in vrouwenkleding — doorgaans met een komisch en denigrerend effect. En er zijn nog meer authenticiteitsdilemma’s. Moeten we de casting van Al Pacino of John Gielgud in de rol van Shylock in Shakespeares Koopman van Venetië aanvechten, en de keuze van een Joodse acteur toejuichen? Of moet men dat soort casting dan verwerpen als een vorm van flagrant essentialistisch paternalisme? Het is overduidelijk geen kwestie van dramatische kunst, noch van gebrek aan authenticiteit, en evenmin van een schending van een fundamenteel principe.

Arnold Klings drie talen van de politiek — met name de twee van conservatieven en progressieven — kunnen misschien helpen verklaren waarom dit zo'n heet hangijzer is. Hij stelt dat de overheersende bekommernis van de conservatieve stam het bewaren en beschermen van westerse waarden is, en de verdediging van de samenleving tegen “de aanval op de morele waarden en tradities waarop onze beschaving is gebouwd.” De progressieve stam richt zich vooral op de rechten van de kansarmen — en in het bijzonder van minderheden. Voor wie zich uitsluitend door een van deze bekommernissen laat leiden, is de kwestie van een zwarte actrice in de rol van Helena van Troje natuurlijk zeer beladen is, en het is duidelijk dat een compromis nauwelijks haalbaar lijkt. 

Conservatieven zien het als een directe aanval op overgeërfde culturele authenticiteit; voor progressieven is het een welkome correctie op historische uitsluiting. Beide standpunten zijn coherent, gegeven de respectieve uitgangspunten, maar geen van beide raakt aan de dramatische kunst zelf. De een ervaart een afwijking van een bestaande norm, de ander een stap in de richting van een nieuwe. En toch zou aan geen van beide kanten welk aantal 'correcte' castingkeuzes ook maar één 'foute' neutraliseren: normoverschrijdingen laten zich nu eenmaal niet compenseren.

De illusie van neutraliteit

Het onderliggende probleem is natuurlijk dat er bij het casten geen neutrale norm bestaat — net zomin als er in de gedragseconomie een neutrale keuzearchitectuur bestaat (de manier waarop opties worden gepresenteerd, bepaalt onvermijdelijk welke keuzes mensen maken). Dat weerhoudt ons er niet van om wat onze voorkeur heeft – of nog ruimer, wat wij als 'juist' aanvoelen – als 'neutraal' te beschouwen. Zonder die dekmantel van neutraliteit zou onze stellingname over hoe de casting moet verlopen al snel als kleingeestig en egocentrisch worden gezien — overigens niet ten onrechte. Maar elke selectie leidt nu eenmaal tot een bepaalde keuze, zelfs als ze willekeurig is. Er kan maar een dessert op ooghoogte staan in de kantine: óf de ongezonde maar verleidelijke donut, óf de gezonde maar wat saaie banaan, en geen van beide is neutraal. 

Helena van Troje had kunnen worden gespeeld door Lupita Nyong'o, of door, zeg maar, Klelia Andriolatou: de een donkergetint, gevestigd, beroemd, geboren in Mexico; de ander blank, opkomend, nog onbekend, en (best toepasselijk) geboren in Griekenland. Ook hier is geen van beide neutraal: acteurs zijn niet zomaar acteurs — ze hebben een identiteit, en elke eigenschap, bewust geselecteerd of niet, kan worden aangegrepen als bewijs van een verwerpelijke keuze.

Al Pacino in de rol van Shakespeares Shylock.
Al Pacino in de rol van Shylock in de Shakespeare-verfilming 'Merchant of Venice'.

We zien hier twee verschijnselen samenspelen die samen ons oordeel (mis)vormgeven. Het eerste is het selectieve omarmen van ogenschijnlijk objectieve redenen en beginselen om een subjectieve, ideologische normoverschrijding te beargumenteren. Zo trappen we echter al snel in een logische valstrik. Veronderstelde authenticiteit geldt als de rigueur wanneer de gekozen acteur niet beantwoordt aan de huidskleur van een conventionele uitbeelding van het personage, maar is onaanvaardbaar wanneer de acteur juist vanwege specifieke etnische gelaatstrekken wordt gekozen. 

De parallelle val: instemmen met de keuze van bijvoorbeeld een Latino-acteur in een onopvallende rol, maar bezwaar maken tegen de casting van een acteur van dezelfde etnische achtergrond als Colombiaanse drugsbaron. Het tweede fenomeen is de neiging om de ingelijfde principes vervolgens tot het primaire beoordelingscriterium te verheffen, waardoor de eigenlijke kern van wat beoordeeld moet worden overschaduwd wordt.

De film van Nolan verdient het om beoordeeld te worden op de maatstaven van het filmvak, en niet op basis van sociale of ideologische voorkeuren

Beide zijn rode vlaggen wanneer het om een gedegen oordelen gaat. De eerste kan worden verontschuldigd — zij het niet gerechtvaardigd — als een veelvoorkomende cognitieve vertekening, een geval van post-hoc rationalisatie. De tweede is echter waar de werkelijke afbreuk plaatsvindt. De film van Sir Christopher Nolan verdient het om beoordeeld te worden op de maatstaven van het filmvak, en niet op basis van sociale of ideologische voorkeuren, vermomd als gezaghebbende criteria — nog voor we ook maar een trailer hebben gezien. De regisseur heeft absolute artistieke vrijheid om de visie te realiseren. Het is dit eindresultaat dat onze weloverwogen beoordeling verdient, niet de conformiteit aan idiosyncratische details die niets aantoonbaars toevoegen aan het werk.

Dezelfde mechanismen kunnen trouwens overal opduiken waar we waarde- of morele oordelen vellen. Het etiket op een wijnfles zou er niet mogen toe doen, en toch worden wijnproeverijen voor alle zekerheid blind gehouden: zo niet wordt het etiket bepalend als principe, en dat overstemt de eigenschappen van de wijn zelf. Een ander voorbeeld: een overtreding op het voetbalveld ziet er heel anders uit naargelang welk shirt je draagt.

Kansen te over om onze kritische blik te werpen op twijfelachtig oordelen!

LEES OOK
Stan De Spiegelaere 08-10-2026

De Europese Commissie organiseert met nieuwe bedrijfsvorm EU Inc de uitverkoop van de eeuw

Europese vakbonden trokken al vroeg aan de alarmbel.
Ursula von der Leyen in het spreekgestoelte van het Europees Parlement.
Pol Deltour, Dirk Voorhoof 05-10-2026

Kritische berichtgeving over bedrijven is ‘tricky business’

Nog meer misbruik van procedures en SLAPP’s liggen op de loer.
Een hamer voor een rechter in de rechtbank.
Mirre Verhoeven 29-09-2026

‘Fighting autism together’ met stamceltherapie? Autistische personen denken daar anders over

Ouders en zorgaanbieders kunnen leren van autistisch verzet tegen genezing.
Een persoon (niet in beeld) houdt een grote Autistic Pride-vlag vast op een Pride-betoging.