Apache publiceerde in maart een onderzoeksstuk waaruit bleek dat rassentheorieën dreigen ingang te vinden aan de Universiteit Gent. Zo legitimeerde Professor Bouke De Vries van de Vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschap een rist eugenetische pseudowetenschappers door hen in een controversieel artikel te citeren. Zijn doctoraatsstudent Craig Willy publiceert dan weer regelmatig in het extreemrechtse neptijdschrift Aporia, een publicatie van de extreemrechtse Human Diversity Foundation, waarvan leden stellen dat bepaalde etnische groepen genetisch superieur zijn aan andere.
Het stuk in Apache veroorzaakte deining in de vakgroep. In de nasleep berispte de Opleidingscommissie wijsbegeerte en moraalwetenschap De Vries omdat hij pedagogisch onzorgvuldig te werk was gegaan. Meer dan twee maand na de publicatie van het artikel in Apache kregen De Vries en Willy plots de kans om op de pagina's van De Morgen uitgebreid op het onderzoeksstuk te reageren.
Dat eugenetica en rassentheorieën opnieuw dreigen binnen te sluipen in de Vlaamse academische wereld, baart de academici zorgen
Net voor de start van het zomerreces zetten filosofen en ethici van de Universiteit Gent de puntjes op de i, al spreken ze zich niet rechtstreeks uit over de in de Apache-artikels vernoemde collega's De Vries en Willy. Dat eugenetica – de theorie die rasverbetering propageert – en rassentheorieën opnieuw dreigen binnen te sluipen in de Vlaamse academische wereld, baart de academici zorgen. Zij brengen argumenten aan waarom rassentheorie gelabeld moet worden als een racistische pseudowetenschap. Eerder gaven ook studenten van de vakgroep uiting aan hun bezorgdheid over het feit dat De Vries die theorieën geloofwaardigheid geeft.
Een schare pseudowetenschappers beweert namelijk dat zogenaamde dysgenics zouden plaatsvinden. De bijdrage van de vakgroep beschrijft dat onderzoekers op basis van de dysgenics-neptheorie willen aantonen dat er een proces bestaat waarbij de genetische kwaliteit van de mensheid zou dalen. Dat zou komen doordat een ‘verkeerde soort’ mensen te veel kinderen maakt en een ‘goede soort’ mensen te weinig. De rassenwetenschappers baseren zich daarvoor op het empirisch nooit aangetoonde verband tussen ras en intelligentie.
De rassenwetenschappers baseren zich op het empirisch nooit aangetoonde verband tussen ras en intelligentie
De aanhangers van de onbewezen theorie slagen er niettemin in een schijn van wetenschappelijkheid aan hun stellingen te geven. Dat doen zij door veelvuldig te publiceren in onbetrouwbare tijdschriften en door voortdurend naar elkaar te verwijzen. Zij dringen soms zelfs door tot serieuze wetenschappelijke publicaties door het systeem van peer review te omzeilen. Redacteurs van die tijdschriften schakelen soms bevriende reviewers in die artikels met dubieuze theorieën toch laten passeren.
Achter de verspreiding van de rassentheorieën schuilt een informeel netwerk van auteurs dat racistische pseudowetenschap en eugenetica in stand probeert te houden. Daarachter zit een groter internationaal netwerk van extreemrechtse figuren en racistische pseudowetenschappers, zoals de Britse krant The Guardian beschreef.
Maar liefst 30 vakgroepleden zijn mede-auteur van de bijdrage. Op de pagina van de door Bouke de Vries geleide onderzoeksgroep Ghent Research in Ethics, Law and Politics (GRELP) staan momenteel geen medewerkers meer vermeld. Meer dan de helft van de medewerkers van GRELP van wie de namen vorig jaar wel nog op de website stonden, schreven mee aan de bijdrage in Apache.